Deze site is 'Under Construction', nog even geduld
CC BY-NC 2.0
Georg Bu?chner / Charlesville. Foto: Bjorn Aerts

Wordt unieke pakketboot verschroot?

Vanmorgen begon men in Rostock met het wegslepen van de vroegere m/s Charlesville, nu onder de naam m/s Georg Büchner uit de haven. De vermoedelijke bestemming van het schip is de haven van Klaipeda in Litouwen. Nadien wacht het een onzeker lot. Mogelijk wordt het in deze stad op een werf verschroot, maar het vermoeden bestaat dat het in Litouwen uitgevlagd zal worden om het nadien naar een schrootwerf in Indië uit te voeren. Op die wijze kan men de Europese (milieu)wetgeving op de uitvoer van oude schepen omzeilen: ze bevatten nl. tal van schadelijke stoffen, w.o. asbest en sloping mag in Europa slechts onder zeer strikte voorwaarden plaats vinden.

Het schip is echter de LAATSTE bestaande combi-liner, een paketboot die zowel goederen als passagiers vervoerde. Het werd gebouwd voor de befaamde Belgische scheepvaartmaatschappij  CMB (Compagnie Maritime Belge) en onderhield in de jaren 1950 en 1960 de regelmatige verbinding tussen Antwerpen en Matadi het voormalige Belgisch Congo, de huidige Demokratische Replubliek Congo. In  1967 werd het verkocht aan de Oost-Duitse ‘VEB Deutsche Seerederei’ en onderhield het de verbinding met Cuba, later functioneerde het als opleidingsschip voor de handelsvloot en tenslotte werd het overgedragen aan een vereniging zonder winstoogmerk, de “Förderverein Traditionsschiff e.V.” . Deze baatte het enkele jaren uit als jeugdherberg.

In de loop van vorig jaar kwam deze vereniging in financiële moelijkheden en werd in maart failliet verklaard. Onder onduidelijkie omstandigheden werd het schip verkocht aan een schimmig vennootschap met zetel op de Seychellen, waar echter een Nederlandse groep zou schuilen (Van der Kamp BV – Van der Kamp Shipsales BV, Zuidland). Deze zou het schip inmiddels zelf ook reeds verder verkocht hebben aan een sloper.

Na de verkoop bleek echter dat het schip een beschermd monument was, en op de erfgoedlijst (Denkmallist) van Rostock ingeschreven stond.

Ondanks het negatief advies en de tegenstand van de plaatselijke erfgoeddienst, en ondanks protest van verenigingen en organisaties in Rostock besloot de burgemeester van Rostock een uitvoervergunning voor het schip aan Klaipeda te geven. Dit gebeurde na allerlei erg onduidelijke stappen achter de schermen door de curator en de koper. Met de uitvoervergunning werd de erfgoedstatus van het schip in principe niet opgeheven – volgens de reglementering van de Duitse ddeelstaat Mecklenburg-Vorpommern kan dat trouwens in deze omstandigheden niet. In een eerste besluit van de Burgemeester (13 mei) werd gesproken van ‘uitvoer naar en verschroting in Klaipeda’  hetgeen een dag later (14 mei) snel vervangen werd door ‘uitvoer naar Klaipeda’, waarbij de term ‘verschroting’ uit de tekst verdween. Ook een perscommuniqué op 14 mei sprak eerst over ‘uitvoer en verschroting’, maar werd een uur later gecorrigeerd – om niet in overtreding tge zijn met de wetgeving. Op zijn minst wordt in Rostock handig en dubbelzinnig met omschrijvingen omgesprongen…

Het gebeuren in Rostock deed ook internationaal reeds een storm van protest opsteken. De vice-minister president vaq de Vlaamse Regering, Geert Bourgeois, die in onderhandeling was met zijn amtsgenoot Matthias Brodborb van de deelstaatregering Mecklenburg-Vorpommern werd door het gebeuren verrast, evenals potentiële Vlaamse investeerders en organisaties die het schip wilden redden en terug naar zijn oorspronkelijke haven halen, Antwerpen. In zijn onderhandelingen met de Duitse deelstaat had Minister Bourgeois voor een aanvaardbare tijd om alternatieven en financiering voor de redding van het schip gevraagd. In een perscommuniqué betreurde de minister “De Duitse autoriteiten leggen (…) de vraag naar uitstel naast zich neer die minister Bourgeois vorige week nog aan zijn Duitse ambtsgenoot stelde”. Recent nog verklaarde hij eveneens, tijdens een discussie in het Vlaamse Parlement, dat alles in het werk gesteld werd om het schip terug naar Vlaanderen te halen, en dat het – eens in België aangekomen – in aanmerking kwam voor wettelijke bescherming en derhalve eveneens voor restauratiesubsidies.

Ook tal van organisaties protesteerden tegen de handelswijze van de Duitse autoriteiten. In een mededeling op 13 mei stelde de Vlaamse koepelorganisatie voor industrieel en technisch erfgoed, de ‘Vlaamse Vereniging voor Industriële Archeologie’ dat zij de beslissing van de overheid van Mecklenburg-Vorpommern en van het stadsbestuur van Rostock beschouwt als een kaakslag en aantasting van alle principes van goed erfgoedbeheer. Het is een pijnlijk precedent, waarbij Duitsland inzake omgaan met erfgoed zeker geen voorbeeld is voor andere landen, integendeel zelfs. Ook Europa Nostra diende via zijn Duitse afdeling protest in, net zoals tal van organisaties uit andere Europese landen.

Het schip wordt op dit ogenblik uit Rostock weggesleept. Een poging van Duitse musea en erfgoedorganisaties, o.m. de „Freundeskreis Maritimes Erbe Rostock“, kregen geen toestemming om de belangrijkste onderdelen – zoals meubilair, de schilderijen aan boord, de historische nautische onderdelen zoals de uitrusting van de brug,… te verwijderen van het schip voordat het vernietigd zou worden. Het is immers verboden om onderdelen te verwijderen van een wettelijk beschermd monument.

Persbericht Vlaamse Vereniging voor Industriële Archeologie

  1. De VVIA gedroeg zich met haar huichelachtige en lasterlijke persmededeling van 13 mei die ze de wereld rondstuurde als ‘slechte verliezer’ die wil natrappen. Daar waar de stad Rostock en de Duitse overheid met één stem spraken, hebben onze belgische erfgoed-vzw’s samen met hun schimmige investeerder (zonder geld, zonder ethiek en zonder realistisch concept) de Duitsers maandenlang voorgehouden dat ze konden rekenen op overheidssteun terwijl van onze bevoegde minister en van Antwerpen veeleer kritische en afwijzende reacties kwamen. Als de Duitse curator de belgische kakofonie en het daarmee gecreëerde rookgordijn beu was, heeft hij in samenspraak met de stad Rostock en de bevoegde erfgoedoverheid van Meck-Pom snel en efficiënt de zaak “erledigt”.

    Eigen schuld, dikke bult.

  2. Vanuit de Vlaamse Vereniging voor Industriële Archeologie hebben wij nooit over geld gesproken, nooit met Duitsland
    onderhandeld – omdat het de afspraak was dat alle onderhandelingen via
    het kabinet van vice-ministerpresident Geert Bourgeois en de bevoegde
    dienst voor, monumentenzorg dienden te verlopen. Daar hebben wij ons strikt aan gehouden.
    Op
    de andere beschuldigingen van de heer Lode Wuyts willen wij niet
    reageren, omdat ze niet op onze vereniging van toepassing zijn.

    Alle
    stukken en informatie, en alle stappen die onze vereniging zette, kan
    iedereen vinden op onze webpagina’s gewijd aan de Charlesville / Georg
    Büchner.
    http://www.vvia.be/Standpunten/Charlesville.htm

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

We hebben zorg genomen om alle rechthebbenden voor hier gereproduceerde foto's te traceren, soms evenwel zonder succes. Iemand die in dit opzicht meent rechten te hebben wordt vriendelijk verzocht om contact op te nemen met de redactie van de Erfgoedstem.