Mogelijke risico’s Nederlandse windmolens door verwaarlozing, waarschuwen experts 

Voorste Molen Hellouw

De Nederlandse liefde voor onze oude Hollandse molens staat onder druk. Recentelijk zijn er verschillende incidenten geweest waarbij wieken afbraken, waardoor de veiligheid van deze culturele iconen ter discussie staat. In Wijhe is onlangs een molen uit voorzorg stilgelegd, wat heeft geleid tot lastige afwegingen. 

In het landelijke gebied van Holten, te midden van de rustgevende sfeer van Dijkerhoek, wordt de stilte enkel verstoord door het geluid van een schroevendraaier die tikt en een mes dat in het houtwerk pulkt. Je moet je nek strekken om te zien waar het geluid vandaan komt: vanaf de kap van de molen, waar twee mannen uit het bovenste raam zijn gekropen. 

De mannen zijn Gerald Getkate en Wouter Keizers, inspecteurs van de Monumentenwacht Overijssel. Ze zijn zich ervan bewust dat molens niet met fluwelen handschoenen aangepakt hoeven te worden. Getkate tikt met een schroevendraaier op de balken, terwijl Keizers met een mes in het houtwerk pulkt. Ondertussen houdt een duif die neergestreken is op een van de wieken, toezicht. 

Getkate legt uit dat hij niet aarzelt om een gat in het houtwerk te prikken om te zien of een balk rot is. Dit is immers de enige manier om erachter te komen. 

De afgelopen jaren is molenland herhaaldelijk opgeschrikt door incidenten met afbrekende wieken. De stalen balken waar het houten latwerk van de wieken aan bevestigd zit, bleken niet voldoende bestand tegen de belasting. “Gelukkig allemaal zonder persoonlijke ongelukken, maar we vonden het opvallend, omdat de onderhoudstoestand van monumentale molens over het algemeen juist heel goed is”, aldus Matthijs Ero van De Hollandse Molen. 

Dit heeft geleid tot de lancering van een onderzoek en het aanmoedigen van moleneigenaren om deze specifieke onderdelen goed te controleren. Ero benadrukt dat het stilzetten van de molen tijdens een inspectie de voorkeur heeft boven een potentieel ongeluk. Er is inmiddels een checklist beschikbaar waarmee eigenaren kunnen beoordelen of een nadere inspectie vereist is voor de “roeden”, zoals deze balken worden genoemd in de vaktermen. 

Tom Temmink, een molenadviseur die moleneigenaren in Overijssel adviseert, begrijpt het dilemma. “Onder die molen bevindt zich een terras. Je moet er niet aan denken wat er gebeurt als daar iets misgaat. Anderzijds: waarschijnlijk hadden die roeden nog jarenlang probleemloos mee gekund. Maar denk je dat de vrijwilligers van die stichting, die op zaterdag puur hobbymatig de molen laten draaien, dat risico gaan nemen?” 

Inspecteur Gerald Getkate benadrukt dat er nog meer potentiële bedreigingen zijn voor molens dan alleen de problemen met de roeden. Zo zijn er bijvoorbeeld ook gietijzeren assen die de krachten van de wieken moeten overbrengen naar de tandwielen en die mogelijk niet voldoen aan de huidige normen. Daarnaast kan de molenbiotoop, de omgeving waarin de molen vrij moet kunnen draaien, onder druk staan door bijvoorbeeld hoge bebouwing of bomen. Getkate illustreert dit aan de hand van molen de Konijnenbelt in Ommen, waar een appartementencomplex is gebouwd dat net zo hoog is als de molen zelf waardoor de wind onvoorspelbaar wordt en de molen niet kan draaien als de wind uit die richting komt. Getkate benadrukt dat er meer aandacht moet worden besteed aan het behoud van de molenbiotoop en het onderhoud van de gehele molen, niet alleen aan de roeden. 

Inspecteur Gerald Getkate herinnert zich een moment in de pelmolen in Rijssen, waar de wieken draaiden met een snelheid van 120 end. Dat is een molenaarsterm om aan te duiden hoe vaak er een wiek voorbij komt in een minuut. In dit geval dus twee per seconde. Hij beschrijft hoe alles piepte, kraakte en schudde, wat hem bang maakte. Hoewel de molenaar wist wat hij deed, vindt Getkate dat het niet zo hard hoeft te gaan. Hij vergelijkt het met het rijden in een oldtimer, waarbij je ook niet altijd op topsnelheid hoeft te rijden, maar de auto ook niet altijd in de garage moet laten staan. Hetzelfde geldt volgens hem voor molens, die ook monumenten zijn. 

Moeten we ons zorgen maken over het verdwijnen van onze traditionele Nederlandse molens vanwege veiligheidsredenen? Tom Temmink, adviseur voor moleneigenaren in Overijssel, gelooft van niet. “We zijn allemaal verliefd op onze molens, ze horen bij ons landschap. We moeten er een beetje pragmatisch mee omgaan: een molen heeft een museale functie, maar we hoeven er geen museum van te maken.” 

“Iedereen denkt dat molens heel authentiek zijn, maar wist je dat alle molens in deze regio tweedehands zijn? Eerder stonden ze in het westen van Nederland en toen ze daar overbodig werden, verhuisden ze deze kant op. Een molen is gewoon een bouwpakket.”