De kunstschatten van de Krim, die lange tijd onder de hoede waren van het Allard Pierson Museum in Amsterdam, zijn op zondag teruggegeven aan Oekraïne en worden opgeslagen in het Nationaal Historisch Museum in Kiev.
Museumdirecteur Els van der Plas benadrukte maandag in een verklaring dat het een bijzondere kwestie is, waarbij cultureel erfgoed het slachtoffer werd van geopolitieke ontwikkelingen.
In 2014 ontving het Amsterdamse museum honderden oude objecten in bruikleen van vier culturele instellingen op de Krim voor de tentoonstelling “De Krim – Goud en Geheimen van de Zwarte Zee”. Op dat moment behoorde de Krim tot Oekraïne, maar tijdens de expositie werd het geannexeerd door Rusland. Dit leidde tot onduidelijkheid over aan wie de kunstschatten moesten worden teruggegeven: aan Oekraïne, dat de controle over de Krim had verloren, of aan de musea die onder Russisch bestuur vielen. Beide partijen rekenden de schatten tot hun cultureel erfgoed.
Het Allard Pierson Museum verzocht de rechter om een beslissing te nemen, en in 2016 oordeelde de rechtbank dat de werken aan Oekraïne moesten worden teruggegeven. Dit vonnis werd in 2021 bevestigd door het gerechtshof en afgelopen juni door de Hoge Raad, waarmee het definitieve besluit werd bekrachtigd.

