Van de nood een deugd maken; oftewel het DNA van Nederland

Afgelopen zondagavond was landschapsarchitect Adriaan Geuze te gast bij Zomergasten. Het werd een veelbesproken uitzending, die zo’n 10.000 tweets opleverde. In die uitzending beleed Geuze zijn liefde voor het Nederlandse landschap en de wijze waarop dit door mensen is gemaakt. In Nederland is er een traditie om van de nood een deugd maken, zo betuigde Geuze. Dat zit diep in ons DNA. In onze eeuwenlange strijd tegen het water hebben wij kans gezien om land uit zee te winnen. Collectieve waarden vielen daarbij samen met individuele belangen. Onze aanpak bestond uit trial and error, uit stapsgewijs verbeteren, gekoppeld aan een lange termijn visie. Dat resulteerde in prachtige polderlandschappen die, met hun indrukwekkende luchten, menig schilder geïnspireerd hebben.

Natuur als cultuurdaad
Dit denken is in de 20ste eeuw ook doorgevoerd in het fenomeen natuurontwikkeling. “We hadden in Nederland geen natuur in Nederland, dus maakten we die” aldus Geuze. Een offensieve manier van natuurbescherming, die uiterst bijzonder is. Natuur als cultuurdaad. Wij zijn gewend geraakt om in elk probleem een kans te zien en van daaruit schoonheid te laten ontstaan. Schoonheid niet ontstaan uit ijdeltuiterij, maar uit vakmanschap, uit toegepaste ingenieurskunst. Dat is Nederland ten voeten uit. En dat zie je overigens niet alleen terug in het Nederlandse landschap, maar ook in veel van de Nederlandse bouwkunst. Pragmatisme, functionaliteit en van daaruit schoonheid creëren. Met de Afsluitdijk en de Deltawerken als ultieme iconen.

Het landschap verrommelt
De aantijging van Geuze is echter dat wij het landschap verrommelen (“ik ben in paniek”) en onze door de eeuwen heen steeds maar weer verbeterde aanpak verkwanselen. Dat wat typisch Nederlands was, lijkt nu nog slechts een zaak van het verleden geworden en is niet langer van het hier en nu. Cultuurschepping sluit niet meer aan bij cultuurbehoud. De stapsgewijze aanpak is ingeruild voor juridisch bepaalde procedures. De ingenieur is vervangen door de manager. Bouwen en construeren is de laatste 40 jaar een zaak van winst en eigenbelang geworden waarbij ook de investeerder met teveel geld een belangrijke rol heeft gespeeld. Niet van de nood een deugd maken, maar van de overvloed een doel. Kwaliteit werd ingeruild voor kwantiteit. En die aanpak heeft niet alleen geleid tot lelijkheid langs de snelwegen, maar ook tot lelijke en inmiddels lege kantoorgebouwen, bedrijventerreinen en winkelcentra. Of tot uniforme natuurdoeltypen-landschappen, met bijbehorende ruigte en overal dezelfde grote grazers. Allemaal resultante van een denken dat gericht is op het behalen van snelle successen. Wat opvalt is het democratisch gebrek bij dit alles. “Wie heeft om al die lelijkheid gevraagd?” aldus Geuze. Natuurlijk waren er gelukkig ook projecten waar wel met lef en gevoel voor traditie is gewerkt, zoals Ruimte voor de Rivier, die als uitzondering de regel bevestigden.

In die zin mag de crisis als een waterscheiding worden gezien. Sinds 2008 was de economie, en zeker de bouw, opnieuw in nood. En die nood leidde bij veel groepen in de samenleving tot het besef om kwaliteit voorop te zetten. Kwaliteit van leven; kwaliteit van de leefomgeving. Tekentafel nieuwbouw werd ingeruild voor een meer stapsgewijze, slimme manieren van werken. Hollandse ingenieurskunst dus, die Geuze zo apprecieert.

Kwaliteit
Het gevaar is dat, nu het economisch zonnetje weer begint te schijnen, de bouwers van toen zich alweer warm gaan lopen. De eerste pleidooien om vooral weer veel te gaan bouwen zijn al her en der te lezen. Daarom is het goed dat er ook mensen zijn als Adriaan Geuze die bovenal pleiten voor de kwaliteit van ons landschap en een zorgvuldige aanpak daarvan. Met zielloze, geldgedreven massaproductie is Nederland op veel plekken verworden tot een amorfe massa. Het Nederlandse landschap is volgens de Engelse vrienden van Geuze het resultaat van een land dat geen trots en schaamte kent. Laten we dat doorbreken. Traditie in combinatie met vernieuwing, en met kwalitatief goed ontwerp als verbinder, kunnen zorgen voor een aantrekkelijke samenleving en een vitale economie. Het verleden wijst hierin de weg.

Frank Strolenberg (programmaleider Herbestemming RCE) & Henk Baas (hoofd Landschap RCE)