Het groene hart van het Drielandenpark met zijn gevarieerde landschappen, zijn rijke historie en enorme natuurdiversiteit kan een uiterst betekenisvolle troefkaart zijn voor het Bidbook Maastricht Culturele Hoofdstad van Europa 2018. Maar daarvoor is het wel gewenst dat de Euregio met ondernemende partijen eensgezind blijft werken aan het betrekken van jong en oud bij het herkenbaar houden van de biografie van het landschap.
Dat stelde dr. Paul Debey, algemeen directeur van de provinciale stichting Instandhouding Kleine Landschapselementen in Limburg, IKL tijdens de viering van het 10-jarig bestaan van het Drielandenpark op vrijdag, 23 september in Aken. IKL werkte in de afgelopen tien jaar met partners onder meer aan de versterking van de hoogstamboomgaarden in het gebied en het herstel van leefgebieden voor diverse bedreigde diersoorten.
Hij hield zijn gehoor voor dat de culturele betekenis van het landschap, de biodiversiteit en de erfgoederen allesbepalend is voor de vitaliteit, de identiteit en de kwaliteitsbeleving van de euregio. “Immers, het landschap ben je zelf. Mensen in de euregio hebben grote delen van het landschap gemaakt tot wat het is. In de toekomst zal dat niet anders zijn. Dat betekent wel onze focus gericht moet zijn op het landschap, de groene ruimte en de verbindingen die mensen hier kunnen leggen. Het betrekken van jong tot oud bij het landschap, het overdragen van het rentmeesterschap en het vertrouwen in elkaar is een culturele en economische opgave, die ons allen aangaat, zo hield hij zijn gehoor voor. “Ons landschap is ook de som van het verleden. Generatie over generatie. Het is de compost voor onze toekomst. Daar leven we van”.
In opdracht van de stichting Maastricht Culturele Hoofdstad formuleerde IKL dit jaar vijf verbindende en inspirerende verhaallijnen voor de verdere uitwerking van de culturele biografie die gebruikt kunnen worden voor het programma van het Bidbook Maastricht Culturele Hoofdstad.
Onderscheidend voor het Drielandenpark is de vormende kracht van het water; de rivieren, beekjes en beekdalen vormen met de hellingen de ecologische en landschappelijke structuur.
Kenmerkend voor de Euregio is verder de enorme rijkdom aan bodemschatten en hiermee gepaard gaande delfstofwinning. Het gebied is voorts al eeuwen een kruispunt van culturen, talen en religies. Overal kunnen betekenisvolle plekken in het landschap worden aangewezen. Van kloosters tot heilige bronnen en veldkruizen: het zijn zaken die onze aandacht meer dan waard zijn en niet alleen omdat buitenstaanders hiervan gecharmeerd zijn.
Een vierde verhaallijn kan gevonden worden in de vele verbindingen: van de holle wegen tot de A2 tot de Via Belgica of de boomgaarden die via bloesemlinten met elkaar verbonden zouden kunnen worden. Ten slotte vroeg Debey van IKL ook nog aandacht voor het landschap als voortbrenger van voedsel. ‘De Euregio levert prachtige streekproducten die rechtstreeks voortkomen uit dit landschap. Voor een belangrijk deel bepaalt voedsel ook onze omgang en de inrichting van ons landschap. Het probleem is wel dat de relatie tussen voedsel en landschap steeds meer uit zicht raakt. We kennen nog steeds de kleinschalige ontginningspatronen uit de middeleeuwen met graften, maar hebben ook te maken met de de grote open landbouwenclaves. Zijn we in staat om de verbroken samenhang tussen landelijk gebied, landbouw en voedsel te herstellen?’, zo vroeg Debey van IKL zich af.
Concreet wil IKL-Limburg in de komende periode nieuwe landschappelijke verbindingen tot stand gaan brengen. Om te beginnen in Zuid-Limburg, waar ze in de regio verspreid gelegen hoogstamboomgaarden rond de dorpen wil verbinden met zogenaamde ‘bloesemlinten’. Op korte termijn plant IKL in samenspraak met het Drielandenpark en Maastricht Culturele Hoofdstad een eerste vriendenboomgaard aan. Debey nodigde de euregionale partners uit om soortgelijke initiatieven te ontplooien in de eigen streek.
