De Europese ambitie om energieneutraal te worden, stelt de erfgoedsector voor een forse uitdaging. Een aanzienlijk deel van het Europese gebouwenbestand – zo’n 35% is van vóór 1945 – draagt een rijke geschiedenis met zich mee. Veel van deze historische pandenzijn particulier eigendom. Vooral voor grote historische panden, zoals talrijke kastelen, buitenplaatsen en landgoederen, vormt het effectief betrekken van particuliere eigenaren bij de noodzakelijke verduurzamingsopgave een van de grootste en vaak over het hoofd geziene knelpunten.
Particuliere eigenaren: een cruciale, maar lastig bereikbare groep
De Oostenrijker Gerald Wagenhofer, medeoprichter van onder meer de European Heritage Academy (EHA), heeft door zijn betrokkenheid bij diverse verduurzamingsinitiatieven in Europa een duidelijk beeld van deze problematiek. “Keer op keer merken we dat we deze groep nauwelijks bereiken. Op de cursussen die wij geven zie je ze zelden,” observeert Wagenhofer. Hij vindt het jammer dat er aan deze numeriek zo belangrijke groep – eigenaren van grote historische huizen die cruciaal zijn voor de verduurzaming van het Europese erfgoed – zo weinig aandacht wordt besteed. “Met de juiste kennis, inzichten en netwerken kunnen zij een grote bijdrage leveren aan de verduurzamingsopgave,” stelt hij.
Tussen wal en schip
De beperkte betrokkenheid van particuliere eigenaren komt volgens Wagenhofer deels door hun positie buiten de gevestigde formele erfgoednetwerken. “Ze hebben daardoor minder directe toegang tot gespecialiseerde kennis, specifieke financieringsmogelijkheden en relevante beleidsinformatie, die overheidsorganen en grotere instellingen wel bezitten,” legt hij uit. Daarnaast ervaren eigenaren soms een zekere terughoudendheid jegens de overheid. “De belangen van een overheid als ‘erfgoedautoriteit’ en die van de particuliere eigenaren lopen nu eenmaal niet altijd parallel,” aldus Wagenhofer.
Kennis om in actie te komen
Het gebrek aan kennis over welke stappen je kunt nemen en hoe je verduurzaming kunt financieren is vaak de drempel waarom mensen niet in actie komen. Ze hebben een helder verhaal nodig over wat wel en wat niet werkt en wat voor mogelijkheden er allemaal zijn, juist deze mensen hebben goede ondersteuning nodig.
Wagenhofer pleit ook onvermoeibaar voor een holistische benadering, waarbij bouwkundige, historische en bouwfysische factoren integraal worden beschouwd. “Symptoombestrijding leidt zelden tot duurzame resultaten,” stelt hij. “Het is essentieel om de dieperliggende oorzaak van problemen – of dat nu drainagekwesties of grondwaterproblemen betreft – te doorgronden voordat effectieve en duurzame maatregelen worden geïmplementeerd.”
De inherente kwaliteiten van historische gebouwen benutten
Een hardnekkig misverstand is dat dit soort grote historische panden per definitie energetisch ongunstig zouden zijn. Wagenhofer nuanceert dit beeld. “Veel van deze gebouwen zijn destijds ontworpen met een zeer bewuste aandacht voor comfort en een optimaal binnenklimaat,” legt hij uit. Hij noemt traditionele luiken voor de ramen, zowel binnen als buiten en een goede ouderwetse kierafdichting. “Mits goed onderhouden, kunnen de van oudsher aanwezige elementen verrassend effectief zijn in hun energetische prestaties.”
Om die reden waarschuwt hij voor overhaaste moderniseringen of ‘quick fixes’. “Investeren in gedegen onderhoud en het optimaal benutten van de bestaande, inherente kwaliteiten van een monument is doorgaans duurzamer én veel kostenefficiënter dan een complete vervanging van historische elementen door ogenschijnlijk ‘moderne’ oplossingen,” concludeert Wagenhofer.
Verplicht energielabel in 2026
De verduurzamingsproblematiek van monumenten heeft recentelijk extra aandacht gekregen als gevolg van belangrijke wetswijzigingen. Onlangs werd bekend dat de uitzonderingspositie die monumenten hadden ten aanzien van de energielabelplicht is komen te vervallen. Dit betekent dat eigenaren van historische panden vanaf mei 2026, conform andere gebouweigenaren, verplicht zijn een energielabel te overleggen bij verhuur of verkoop. Tevens is aangekondigd dat ook monumenten in 2050 zo energiezuinig mogelijk moeten zijn. Deze ontwikkelingen sturen particuliere eigenaren geleidelijk richting verduurzaming en onderstrepen de dringende noodzaak om hen nu te bereiken en te voorzien van de juiste kennis en ondersteuning.
Meer doelgroepgerichte aanpak voor een duurzame toekomst
Voor Wagenhofer is de essentie duidelijk: “Samenwerking en kennisdeling vormen de basis voor duurzaam erfgoedbeheer.” Door een meer doelgroepgerichte benadering van specifiek deze particuliere eigenaren van de grote historische gebouwen en hen te voorzien van de juiste praktische en toegankelijke kennis, kan een weerbaar en toekomstgericht erfgoedlandschap worden gebouwd. Een gezamenlijke inspanning is cruciaal om deze stille uitdaging succesvol aan te gaan.
Praktische kennis opdoen? Gerald Wagenhofer is een van de sprekers op een kosteloze driedaagse cursus ‘Energy-Efficiency for Historic Houses’, speciaal voor particuliere eigenaren van buitenplaatsen, kastelen en landgoederen, die begin september in Nederland wordt georganiseerd. Meer informatie en aanmelden kan via: https://heritagetribune.eu/training-energy-efficiency-for-historic-houses/

