Archeoloog Ivar Schute (50) bedrijft een ‘extreme vorm’ van archeologie: hij houdt zich bezig met de stoffelijke residuen van de Tweede Wereldoorlog, en dan met name van de concentratie-, werk- en vernietigingskampen. Eerder deze maand was hij een paar dagen op het Britse Kanaaleiland Jersey om, als lid van een klein internationaal team, onderzoek te doen op de plaats waar van 1942 tot 1944 een kamp was gevestigd voor dwangarbeiders – overwegend Fransen en Noord-Afrikanen – die werden ingezet voor de bouw van verdedigingswerken op het enige Britse gebiedsdeel dat door de Duitse Wehrmacht was bezet. ‘Hoe geringer de historische kennis, hoe groter de toegevoegde waarde van de archeologie.’
Dit artikel bevindt zich achter een betaalmuur. Het kan worden gelezen via Blendle (€0,49).

