Nederlandse voorselectie voor Unesco-erkenning immaterieel erfgoed gestart

Bloemencorso, Zundert. Foto: Wikimedia Commons.

De Raad voor Cultuur is begonnen met de voorselectie van Nederlandse erfgoedelementen die in 2027 kans maken op opname op de internationale Unescolijst van het immaterieel erfgoed van de mensheid. De selectie gebeurt op verzoek van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), die in maart 2027 namens het Koninkrijk der Nederlanden opnieuw een voordracht kan indienen bij Unesco.

Selectie uit Nederlandse inventaris

De Raad voor Cultuur kiest maximaal vijf erfgoedelementen uit de Inventaris Immaterieel Erfgoed Nederland, die wordt beheerd door het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland (KIEN). Deze inventaris is samengesteld in samenwerking met erfgoedbeoefenaars zelf.

Op basis van de voorselectie bepaalt de minister welk element officieel wordt voorgedragen aan Unesco. Het advies van de raad wordt uiterlijk 1 april 2026 verwacht.

Criteria voor selectie

De minister heeft de raad gevraagd de voorselectie te baseren op een aantal criteria. Zo moet de betrokken gemeenschap van erfgoedbeoefenaars goed georganiseerd en actief betrokken zijn bij de samenstelling van het nominatiedossier. Daarnaast moet er maatschappelijk draagvlak zijn.

De minister benadrukt het belang van erfgoedelementen die mensen verbinden:

“Elementen die mensen, groepen, generaties of regio’s verbinden, worden daarbij extra gewaardeerd.”

De Raad voor Cultuur selecteert alleen elementen die voldoen aan de internationale beoordelingscriteria van het Unesco-verdrag inzake de bescherming van het immaterieel cultureel erfgoed. Erfgoedelementen die samen met andere landen moeten worden voorgedragen, vallen buiten de selectie vanwege tijdgebrek voor internationale afstemming.

Nederlandse erkenningen op de Unescolijst

Sinds 2017 zijn vanuit Nederland vijf erfgoedelementen opgenomen op de Internationale Representatieve Lijst van Unesco:

  • Het ambacht van molenaar (2017)
  • De corsocultuur (2021)
  • Het zomercarnaval in Rotterdam (2023)
  • De valkerij (2021, multinationale nominatie)
  • De traditionele bevloeiing van grasland (2023, multinationale nominatie)

De internationale lijst telt inmiddels bijna 800 erkenningen uit meer dan 150 landen, waaronder de Flamenco (Spanje), Gamelan (Indonesië), Tango (Argentinië en Uruguay) en Yoga (India).

Commissie van deskundigen

Voor de beoordeling is een tijdelijke commissie van deskundigen ingesteld die het advies voorbereidt. De commissie bestaat uit:

  • Prof. dr. Sophie Elpers (voorzitter), onderzoeker Meertens Instituut & Universiteit Antwerpen
  • Peggy Brandon, directeur Mocca en voormalig kwartiermaker Nationaal Slavernijmuseum
  • Hester Dibbits, lector Cultureel Erfgoed aan de Reinwardt Academie
  • Nicole van Dijk, oprichter Stichting Wijkcollectie
  • Felix Havenith, opleidingsmanager Conservatorium Maastricht
  • John Olivieira, uitgever OneWorld en lid Raad voor Cultuur

Beleidsadviseurs Mirjam van der Linden en Kiran Sukul treden op als secretarissen van de commissie.

Over het Unesco-verdrag

Het Unesco-verdrag inzake de bescherming van het immaterieel cultureel erfgoed bestaat sinds 2003 en heeft als doel tradities, rituelen, sociale praktijken en ambachten wereldwijd te beschermen en door te geven aan toekomstige generaties. Nederland is sinds 2012 aangesloten bij dit verdrag.