Nieuw fonds wil toenemende leegstand kerken tegengaan

Kerken zijn niet weg te denken uit het Nederlandse straatbeeld. Of het nou gaat om een imposante kerk in een grote stad of een klein kerkje in een dorp met 300 inwoners, kerken vormen het middelpunt van veel gemeenschappen. Maar in veel gemeenten lopen de gebedshuizen leeg en dreigen ze te verdwijnen. In de komende tien jaar kan dit zelfs oplopen tot vierduizend leegstaande gebouwen. Het is een uitdaging om ervoor te zorgen dat deze kerken niet uit het straatbeeld verdwijnen. Het vergt creativiteit en samenwerking tussen de kerkelijke gemeenschappen, de overheid en marktpartijen. Om al deze partijen met elkaar te verbinden en de snel toenemende leegstand tegen te gaan, wordt op dit moment (op initiatief van de organisaties Witteveen+Bos en COUP) de mogelijkheid voor de oprichting het Fonds Religieus Erfgoed (FRE) onderzocht. We praten met Kees-Jan Dosker, kwartiermaker bij het fonds, over religieus erfgoed in Nederland en hoe het nieuwe fonds kerken een nieuwe rol wil geven. 

Cultureel erfgoed in Nederland, dat is waar het hart van Kees-Jan sneller van gaat kloppen en waar hij zich dagelijks met veel toewijding voor inzet. Onder meer bij het Nationaal Restauratiefonds, waar hij ruim vijf jaar lang directeur bestuurder was. Maar daarnaast ook met verschillende voorzittersfuncties bij het Goois Natuurreservaat en bij de raad van toezicht van Erfgoed Zeeland. “Ik ben al lange tijd actief in zowel het groene als het gebouwde erfgoed. Maatschappelijk zeer relevant en erg leuk om te doen. Zo verbindt het gebouwde erfgoed het verleden – via het heden – met toekomstige generaties. Erfgoed verbindt mensen en biedt herbestemmingskansen voor bijvoorbeeld huisvesting, zorgcentra, bibliotheken, buurthuizen of hotels.”

Kees-Jan is vooruit gestuurd om een mogelijk nieuw fonds op te richten. Hij breng in deze rol van kwartiermaker bij het FRE verschillende partijen samen en ondersteunt de voorbereidingen voor het opzetten van de organisatie. Maar wat gaat dit nieuwe fonds precies doen?

Behoefte vanuit de maatschappij

Het religieuze erfgoed in Nederland staat onder druk. Er zijn heel veel kerken, maar het aantal kerkgangers loopt in rap tempo terug waardoor de gebouwen leeg komen te staan. Dit proces noemen we ontkerkelijking en het zorgt ervoor dat de toekomst van veel kerkgebouwen onzeker is. “Goed onderhouden kerkgebouwen op toplocaties zullen altijd wel een toekomst hebben, maar voor veel andere kerken ligt dit ingewikkelder,” legt Kees-Jan uit.

Gelukkig wordt er de afgelopen jaren al intensief gewerkt aan perspectief voor deze bakens in het landschap. Zo bestaat het samenwerkingsverband Toekomst Religieus Erfgoed. Hierdoor zijn in veel gemeenten Kerkenvisies tot stand gekomen. Dit zijn strategische visies op de toekomst van religieuze gebouwen binnen een gemeente of regio. Er wordt samen met lokale partijen gesproken over het religieuze erfgoed, waarna er gericht kan worden gekeken wat er met de kerkgebouwen kan worden gedaan. Welke gebouwen blijven als kerk fungeren, welke gebouwen worden geschikt gemaakt voor meervoudig gebruik, welke gebouwen worden onttrokken aan de eredienst en welke gebouwen kunnen een andere functie krijgen?

Het FRE brengt kerken, overheid, impactbeleggers en gemeenschappen bij elkaar en streeft ernaar om leegstaande kerken een nieuwe maatschappelijke rol te geven. Zo blijft het erfgoed ook voor toekomstige generaties van waarde. Dit wil het fonds doen door restauratie, verduurzaming en transformatie van de panden en de zoektocht naar passende huurders en gebruikers. Kerkbesturen willen ontzorgd worden van de lasten van een gebouw, maar vaak wel de plek behouden voor ontmoeting: “Als de oorspronkelijke functie van de kerk door voldoende kerkgangers nog kan blijven bestaan, staat voortgezet gebruik voorop. Soms is gedeeltelijk voortgezet gebruik een optie, waarbij er bijvoorbeeld nog twee keer per week kerkdiensten worden gehouden,” vertelt Kees-Jan.

Eerst zien, dan Geloven

Hoewel de mogelijkheden voor oprichting van het FRE nog onderzocht worden, blikt Kees-Jan ook al vooruit: “We zijn bezig met de voorbereidingen voor een website en we ontwikkelen een pilot waarbij we zowel individuele kerken als religieuze koepelorganisaties willen betrekken.” In deze pilot worden de belanghebbende kerkbesturen ontzorgd. “Wij geloven in solidariteit, in het idee dat sterkere schouders zwaardere lasten kunnen dragen. Door een gezonde mix van zowel kerkgebouwen met goede kansen op herbestemming als kerkgebouwen met mindere kansen aan te kopen, is het FRE in staat opbrengsten en kosten op groepsniveau te waarderen,” legt Kees-Jan uit.

Op deze manier verdwijnt de druk voor de individuele gebouwen om maximale verkoopopbrengst op te leveren. Ook ontstaat er ruimte om kerken een nieuwe rol te geven. “De pilot zal tussen de tien en twintig kerken omvatten. We zoeken naar een haalbaar plan voor elk gebouw en richten ons op een nieuwe maatschappelijke rol, zoals (zorg)wonen, werk etc. We kijken naar benodigde vergunningen, verbouwingen en financieringen en zoeken naar geschikte huurders.”

Als de pilot succesvol blijkt te zijn, gaat het FRE de volgende fase in, zegt Kees-Jan. “Als FRE willen we er zijn voor de kerken die zeggen ‘help ons, ontzorg ons’.” Door ook in de toekomst deze gemixte groepen kerken te creëren, ontstaat er perspectief voor de meeste gebouwen. “In feite hebben wij een collectieve transformatie van religieus erfgoed voor ogen op basis van lokaal omarmde, maatschappelijk relevante en economisch gezonde plannen.”

“Het belangrijkst is nu gedurende het eerste jaar te laten zien dat de aanpak – waar ook veel erfgoedspelers bij betrokken worden – in deze pilot werkt.” voegt Kees-Jan toe. “Dan zou ik tevreden terug kunnen kijken en de volgende stappen willen nemen. Hoe toepasselijk, ook hier geldt: “eerst zien dan Geloven!”