Deze site is 'Under Construction', nog even geduld
Een van de vele te restaureren glas-in-loodramen
Een van de vele te restaureren glas-in-loodramen – foto ERM

Restauratie Jachtslot Mookerheide vereist erkende vakmensen

‘De veelheid en de rijkheid aan details van het Jachtslot Mookerheide eisen een restauratie door gecertificeerde bedrijven. Alleen dan is de kwaliteit van de werkzaamheden gewaarborgd. Dat geldt niet alleen nu voor de bouwkundige opgaven, maar ook straks wanneer we voor het interieur op zoek gaan naar geregistreerde restauratoren’. Dat stellen Fons Mandigers van Natuurmonumenten, directievoerder Ron Spaan en hoofdaannemer Dré van Dinther. Zij hebben een uniek ‘Gesamtkunstwerk’ onder handen.

Glorieus herstel

Jachtslot Mookerheide, gelegen even ten zuiden van Nijmegen, is tussen 1902 en 1905 gebouwd. Het ontwerp is van architect Oscar Leeuw, daarbij ondersteund door zijn broer, beeldhouwer en kunstenaar Henri Leeuw. Samen creëerden zij één groot kunstwerk waarbij de architectuur en het interieur onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden. Dat, en de Jugendstil, maken het jachtslot tamelijk uniek voor Nederland. Desondanks is er in een eeuw tijd veel verloren gegaan. Verbouwingen en decennia van amper onderhoud hebben hun sporen achtergelaten. Eigenaar Natuurmonumenten zet nu in op een glorieus herstel van het complex, dat naast het gebouw ook een ruim 160 hectare groot landgoed omvat.

Vertrouwen

Restauratiearchitect Bastiaan van de Kraats stelde het restauratieplan op, zich daarbij onder andere baserend op het bouwhistorisch onderzoek van het Monumenten Advies Bureau. Voor de uitvoering werden drie hoofdaannemers uit de regio geselecteerd. Natuurmonumenten wilde het af en aan rijden van werkverkeer tot een minimum beperken, licht Ron Spaan toe. Na de uitgebreide selectieprocedure werd Van Dinther Bouwbedrijf uiteindelijk geselecteerd. Niet alleen door de prijs-kwaliteitverhouding in het aanbod, maar ook, en misschien wel vooral, door het vertrouwen in het gehele team dat door Van Dinther in stelling werd gebracht. ‘Uiteindelijk gaat het erom met wie je twee jaar in de bouwkeet zit, op de steiger staat en binnen aan het werk bent’, zegt Spaan. ‘Dus in de selectie wil je het DNA van het bedrijf kunnen proeven. En van een gecertificeerd bedrijf weet je dat alle kennis en kunde in huis is’. ‘Tot en met de eigen gecertificeerde steigerbouwers’, vult Van Dinther aan. ‘Want van hen mag je verwachten dat een dergelijk fragiel gebouw, met zo kwetsbare daken, bij de opbouw geen risico loopt’.
‘We werken bij restauratieopgaven altijd met gecertificeerde bedrijven’, licht gebiedsmanager Fons Mandigers namens Natuurmonumenten toe. ‘Zeker wanneer het gaat om rijksmonumenten vinden we dat we die kwaliteitsborging verplicht moeten stellen’.

Bouwteam

Voor de restauratie wordt in een bouwteam gewerkt. ‘Er ligt een taakstellend budget van 5, 5 miljoen euro en voor de besteding zijn wij met zijn allen verantwoordelijk’, aldus Van Dinther. Wat dus om veel gezamenlijke creativiteit vraagt. Zo krijgt het dak weer de geel verglaasde Ludowici-pannen (‘tientje per stuk, keer 10.300, reken maar uit’). De dakbedekking was in de loop der tijd gewijzigd. Tussen 1950 en 1975 heeft het gebouw nieuwe dakpannen gekregen, van een ander type en deels in een andere kleur. Ook zijn hier en daar dakkapellen en andere veranderingen toegevoegd die de historische samenhang schaden.

Die 5,5 miljoen is overigens bij lange na niet voldoende voor de gehele restauratieopgave, merkt Mandigers op. ‘Nu de steigers staan zien we pas echt goed welke schade er is. Wij realiseren ons dus goed dat er straks nog veel meer werk gedaan moet worden’.

Wat in ieder geval nu gedaan wordt, zijn de gevels. De nu aanwezige witte “plasticjas”  wordt verwijderd om het oorspronkelijk decoratieve tegelwerk, 35.000 tegels in zeven verschillende kleuren, weer zichtbaar te maken. Stucwerk, tegelwerk én het hardsteen zijn in de vorige eeuw bedekt met lagen kit, tegellijm, voorstrijk, gips, cement, kunststoffen en verf. Deze afdeklagen geven naast esthetische ook technische schade aan het pand. Ze vormen een dampdichte, afsluitende laag met serieuze bouwtechnische problemen tot gevolg.

Het tegelmozaïek is nog aanwezig onder de witte afdeklaag
Het tegelmozaïek is nog aanwezig onder de witte afdeklaag – foto Van Dinther Bouwbedrijf

En dan is er de opgave tot verduurzaming, waaronder de isolatie van gevelopeningen en daken, binnen de mogelijkheid die het monument biedt. ‘Bij al die restauratie-opgaven volgen we de Restauratieladder, zoals uitgewerkt in de verschillende ERM URL-en’, lichten Spaan en Van Dinther toe. ‘Waarbij de kwaliteit van het gebouw helaas maar al te vaak leidt tot de treden twee (repareren) en drie (vernieuwen). Daarbij worden telkens gecertificeerde onderaannemers aangetrokken, zozeer hechten wijzelf en onze opdrachtgever aan gewaarborgde kwaliteit’. ‘Ook’, zegt Fons Mandigers, ‘omdat het helaas vaak gaat om reconstructie, want lang niet alles is meer te herstellen, willen we voor elke ingreep een gecertificeerd bedrijf’. 

Geregistreerde restauratoren

Daarnaast heeft het gebouw de gebruikelijke verouderingsgebreken, zoals gebarsten natuurstenen elementen, versleten schilderwerk en op diverse plekken houtrot. Bij de glas-in-loodramen zijn het lood en kit verouderd, gescheurd, verpoederd of zelfs verdwenen. ‘De eisen aan kwaliteitsborging gaan ook straks gelden voor de restauratie van de ramen en het interieur’, aldus Spaan en Van Dinther. ‘We zullen daarvoor op zoek gaan naar geregistreerde restauratoren, of restauratoren die deze opdracht willen gebruiken om zich te laten registreren. We willen daarmee een prikkel geven, want er zijn genoeg vakmensen die beschikken over voldoende kennis en kunde, maar de laatste stap tot certificatie of registratie maar niet zetten. Daarmee doen zij zichzelf en de (potentiële) opdrachtgevers tekort. Een certificaat of registratie in het Restauratoren Register vormt de bevestiging van de restauratiekwaliteit. We willen, daarin gesteund door Natuurmonumenten, bijdragen aan de bewustwording daarvan’.