Westfries Museum.
Westfries Museum. Foto: Benno Ellerbroek

Vernieuwing en renovatie monumentale panden Westfries Museum in Hoorn

“De Hoornse gemeenteraad toont visie. Dit is niet alleen een duurzame investering in de economie, maar ook in het verhaal van de stad: het geeft toekomst aan de geschiedenis,” aldus directeur Ad Geerdink van het Westfries Museum. Op 21 september 2021 besloot de Hoornse gemeenteraad met een grote meerderheid tot financiering van het Projectplan Vernieuwing Westfries Museum. Hierdoor wordt funderingsherstel mogelijk gemaakt, maar ook verduurzaming, verbeteren van de toegankelijkheid en het samentrekken met het monumentale buurpand Roode Steen 15.

De gemeenteraad koos voor de variant met een tentoonstellingszaal en ontvangstruimte in de kelders, tussen de herstelde funderingen. “Dat levert Hoorn economisch het meest op en je kunt dit maar één keer goed doen”, aldus de raad, die het museum als een belangrijke toeristische trekpleister beschouwt. De verbouwing maakt letterlijk ruimte voor een nieuw museaal concept en levert een geschatte bezoekersgroei op van 45.000 naar 70.000 bezoekers per jaar. Meer informatie: www.wfm.nl/toekomst

Herstel monumentaal erfgoed

Het Westfries Museum – nu nog het museum over de Gouden Eeuw – is gevestigd in het monumentale Statencollege uit 1632. Het museum verhaalt over de geschiedenis van Hoorn en de regio in de periode dat Nederland meeschreef aan de wereldgeschiedenis. Maar het monumentale museale complex bestaat uit oorspronkelijk zeven panden die onregelmatig van elkaar verzakken. De gemeente Hoorn, verantwoordelijk voor het onderhoud van de stedelijke monumenten, kreeg vanwege de dringende noodzaak van dit funderingsherstel in 2020 al een subsidie van 2,1 miljoen toegekend van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Ook vanwege het vervallen van deze subsidie lag het besluit juist nu op tafel bij de gemeenteraad, terwijl de financiële situatie het er niet gemakkelijker op maakte.

Artist impression van nieuwe corridor Westfries Museum

Inzet eigen financiële middelen

Het plan voor restauratie en vernieuwing van het Westfries Museum werd begin 2021 gepresenteerd, maar de raad stelde de beslissing hierover tot drie keer toe uit. Inmiddels zegden de Kaap Hoorn Vaarders financiële steun toe. Ook Stichting Stadsherstel Hoorn deed een eenmalige bijdrage van 50.000 voor herstel van de monumentale tuinmuur. Vanwege de betere mogelijkheden voor het presenteren voor de collectie gaf het Westfries Museum aan zelf 1,1 miljoen vanuit het Le Cocq d’Armandville-Planckenfonds te willen investeren (het legaat is bestemd voor collectie-uitbreiding), als er gekozen zou worden voor de variant met de onderkeldering. Op 21 september gaf de Hoornse gemeenteraad groen licht. Wethouder Samir Bashara noemt het een historisch besluit voor de toekomst van het museum én voor Hoorn. “Het gaat hier om een groot project, dan is het ook belangrijk dat er een robuuste meerderheid is”, stelt hij. “We weten nu dat de volksvertegenwoordiging achter de plannen staat en dat geeft richting.”

Nieuw museaal concept

Directeur Ad Geerdink is verheugd om met de restauratie en vernieuwing van het Westfries Museum te beginnen. “We kunnen nu onze langgekoesterde dromen gaan waarmaken”, vertelt hij. “Dat betekent onder meer de monumentale gebouwen behouden en het museum toekomstbestendig maken voor de komende generaties. Ook kunnen we de toegankelijkheid verbeteren: het kruip-door-sluip-doorkarakter van het 17e-eeuwse museum zonder lift maakte het tot nu toe onbereikbaar voor mindervaliden.” Het maken van het projectplan was dan ook een complexe bouwkundige puzzel, stelt Geerdink, vooral omdat de opdracht ‘sober en doelmatig’ van de gemeenteraad voorop stond. Een multidisciplinaire projectgroep (met het Hoornse architectenbureau TPAHG als drijvende bouwkundige kracht en Eltje de Klerk als deskundig externe projectleider) zocht en vond bouwkundige koppelkansen in de kelderruimtes waar een wisselexpositiezaal, ontvangstruimte en invalidetoilet worden geplaatst. Op zolder kunnen de nieuwe klimaatinstallaties ondergebracht geworden. De noodzakelijke verplaatsing van de entree en strategisch geplaatste liften leveren een logische en aantrekkelijke museumroute voor het publiek op, ook voor mindervalide bezoekers. Daarnaast is er ruim plaats voor het nieuwe museale concept waarin de reflectie op de Gouden Eeuw een belangrijke plaats inneemt.
Meer eigen inkomsten

“Het museum krijgt hiermee een nieuwe toekomst, ook vanwege de andere manier van kijken naar en omgaan met het verleden,” stelt directeur Ad Geerdink. “Met een nieuw concept, gevarieerdere presentaties en de inzet van innovatieve technologieën trekken we een jonger, meer divers en groter publiek. Dat zorgt voor meer bezoekers en dat levert weer economische kansen voor Hoorn op, plus meer eigen inkomsten voor het museum. Zo kunnen we de verhalen over de historie van de stad en regio blijven uitdragen: er worden nu immers door de maatschappelijke ontwikkelingen andere vragen gesteld aan onze vaderlandse geschiedenis. Hiermee blijven we ook in de toekomst het historische visitekaartje en een belangrijke verhalenverteller van de stad Hoorn.”