De commissie Amsterdam van Erfgoedvereniging Heemschut heeft de verkiezingsprogramma’s van alle politieke partijen van de hoofdstad vergeleken. Daaruit blijkt dat de ambities op het terrein van de monumentenzorg minimaal en weinig concreet zijn. Wel beamen veel partijen dat het cultureel erfgoed van groot belang is voor de stad en haar economie.
Trendbreuk?
Stond de laatste jaren cultureel erfgoed in het middelpunt van de belangstelling met 400 jaar grachtengordel en de opening van het Rijksmuseum, nu moet de zorg voor het erfgoed het afleggen tegen de economische sores, het jeugdzorg- en ouderenbeleid en het onderwijs. Drastische bezuinigingen op alle terreinen zijn aangekondigd. Tegelijk legt het Rijk de taak voor de zorg om het cultureel erfgoed steeds meer bij de gemeente neer. Amsterdam wordt dus zelf verantwoordelijk voor de historisch-ruimtelijke kwaliteit van de stad. Dat bescherming van cultureel erfgoed weinig aandacht krijgt in de verkiezingsprogramma’s is een gemiste kans. Juist in deze tijd is een sterk debat over hoe de stad zijn schaarse middelen inzet om het cultureel erfgoed voldoende te borgen noodzakelijk.
Enquête
Naast een bestudering van de verkiezingsprogramma’s heeft Heemschut ook een aantal enquêtevragen naar de verschillende partijen in de gemeenteraad gestuurd om meer inzicht te krijgen in hun standpunten. Dit was mede een reactie op het gemiddelde resultaat van Amsterdam in de Grote Monumenten Gemeente Test van Heemschut. D66, VVD en Partij voor de Dieren namen de moeite om op de vragen van Heemschut te reageren. Hieruit komt gelukkig een veel genuanceerder beeld naar voren over hoe de verschillende partijen hun rollen na de verkiezingen zullen oppakken. Heemschut hoopt dat de bescherming van cultureel erfgoed in het coalitieakkoord wordt opgenomen.
Persbericht Heemschut

