De lokale (erfgoed)stem telt!

Over iets minder dan een week kunnen weer stemmen voor de gemeenteraadsverkiezingen. Bij geen enkele andere verkiezing is erfgoed zo belangrijk, en bij geen enkele andere verkiezing lezen we er zo weinig over.

Sinds de laatste grote decentralisatierondes van het rijk ligt alle zorg voor monumenten en archeologie bij de gemeenten. Het rijk kan roeptoeteren wat ze wil, maar nieuwe rijksmonumenten en beschermde gezichten worden al 13 jaar niet meer aangewezen en de zorg daarvoor ligt op het bordje van het lokaal bestuur. Erfgoed is daarmee een zogeheten wettelijke taak voor de gemeente geworden.

Een wettelijke taak die overigens wel onderaan het boodschappenlijstje staat. Dat weet ik vanuit mijn werk bij Heemschut als het feit dat ik (afzwaaiend) raadslid ben. Het raadswerk gaat over crisisopvang voor pubers met psychische problemen, van zwarte piet tot trapliften en van bouwprojecten voor starters tot financiële zorgen. Monumenten en archeologie zijn geen sexy onderwerpen en blijken maar al te vaak een makkelijke bezuinigingspost. Want vraag Jan Modaal en die vindt vast de schoonheid van de eigen omgeving belangrijk, maar zal vast zijn stem niet laten afhangen van welke partij er het beste voor de monumenten zorgt.

Het is daarmee ook eigenlijk onhoudbaar dat erfgoed voor de lange termijn een taak blijft die volledig bij gemeenten ligt. Er is simpelweg te weinig geld en lokale politieke wil. In de wandelgangen gaat het nieuwe modewoord ‘recentraliseren’ gelukkig alweer rond na wat flinke lokale blunders. 

Ondankbaar beroep ook. Dat raadslidmaatschap. Want hoeveel trapliften je ook plaatst of woningen voor starters of ouderen bouwt of voor mijn part toch een serie nieuwe monumenten aanwijst, het is nooit goed. Het is zelfs zo ondankbaar dat het aantal bedreigingen sinds 2015 is verdrievoudigd, zo berekende de Nederlandse vereniging voor Raadsleden. Vijftien procent van de raadsleden de afgelopen periode te maken gehad met geestelijke of fysieke bedreiging. Laat dat even inwerken, één op de zeven raadsleden maakt schokkende dingen mee. En een kwart daarvan geeft aan dat het invloed op besluiten heeft. Overigens gaan die toegenomen bedreigingen hand in hand met de werkdruk, die volgens onderzoek ook de afgelopen decennia ook met factor drie is toegenomen. Een gemiddeld raadslid is tegenwoordig 16 tot 20 uur per week kwijt aan het werk. Voor een schamele vergoeding.

Dus je stem volgende week telt. Het kan letterlijk de redding of sloop van een mooi gebouw in de komende vier jaar betekenen in je gemeente. Het napluizen van alle verkiezingsprogramma’s op het woordje monumenten, archeologie of erfgoed kan daarmee een nuttige taak zijn. En wees daarnaast ook niet boos op al die raadsleden als ze vervolgens niet snel genoeg doen wat ze mogelijk hebben beloofd. Help ze liever, ondersteun ze met het werk en voedt ze van informatie. Er is bij alle raadsleden altijd de verantwoordelijkheid om te komen tot een oplossing. Of zoals John Bijl van het vakblad Binnenlands Bestuur onlangs verzuchtte: ‘ik zou willen dat ons land meer bestuurd werd als een gemeente. In een gemeente voelen raadsleden, hoezeer zij ook van mening verschillen, wel de gezamenlijke verantwoordelijkheid om het hoogste orgaan te zijn.”

Christian Pfeiffer werkt bij Heemschut en is raadslid voor GroenLinks in Weesp.