AMSTERDAM – Afgelopen jaren zijn steeds meer gemeenten een gemeenschappelijk beleid gaan voeren op het gebied van archeologie. Ook de gemeenten in de Duin- en Bollenstreek zijn nu van plan om een gezamenlijk beleidsnota uit te brengen. De noodzaak daarvoor vloeit voort uit de invoering van de nieuwe monumentenwet in 2007.
Gezamelijk beleid
Het doel van de gemeenschappelijke beleidsnota is, naast kostenbesparing, vooral het ontwikkelen van een eenduidig regionaal beleid. ”Achter de beleidsactualisatie zit de wens om alle kennis die de afgelopen jaren is opgedaan met opgravingen en andere onderzoeken te verwerken in de archeologische beleidskaarten.” aldus gemeentelijk woordvoerster Malies Hulshof. Volgens haar gaat het hier niet om een noodzakelijke bezuiniging: ”Er is zeker geen sprake van een bezuiniging, maar van een regionale bundeling van kracht en middelen om te komen tot goed afgewogen en actueel erfgoedbeleid”.
Economische belangen
Het nieuwe beleid moet volgens de gemeenten breed maatschapelijk gedragen worden. Ze willen tegemoet komen aan de wensen van de gemeenschap die archeologie vaak vooral als lastig ervaren. Er zal naast maatschappelijk belangen vooral ook rekening gehouden worden met economische belangen. In samenwerking met archeologisch adviesburo de Brug en LTO-Noord zal er vooronderzoek gedaan worden op de bollengronden. Daarnaast wordt er gestreefd naar een versoepeling van de vrijstellingsgebieden. Dit zijn de gebieden waar gebouwd mag worden zonder dat er vooronderzoek gedaan hoeft te worden. Deze versoepeling moet vooral een lastenverlichting worden voor derden, waaronder particulieren: “Nu komt het nog vaak voor dat we bij kleine uitbouwen net tien vierkante meter boven de norm voor bodemonderzoek zitten en een verplichte bodemtoets moeten uitvoeren” zegt Boudewijn Voormolen, archeoloog in dienst van de gemeente Katwijk. “Terwijl we dan al vrijwel zeker weten dat dat onderzoek qua informatie niets zal opleveren. Dat de trefkans heel klein is.”. Dit was volgens Voormolen ook belangrijk: “Er bestond maatschappelijk gezien veel behoefte aan verruiming van de grenzen” De angst dat de schaalvergroting en de versoepeling van de vrijstellingsgrenzen zal leiden tot verlies van belangrijke archeologische informatie, is volgens de regionaal archeoloog ongegrond: “Of er sprake zal zijn van informatieverlies gaan we onderzoeken binnen deze actualisatie. dit onderzoek, vormt de basis van de nieuwe vrijstellingsgrenzen” aldus Voormolen. Hulshof geeft toe dat er in het huidige plan terugkoppeling van het beleid naar het publiek weinig prioriteit geniet. Verwacht dat de actualisatie op termijn een uitvloeisel zal zijn van het eenduidiger beleid: “De publieke aandacht (…) zal groter worden naarmate het beleid eenduidiger wordt.” Aldus Hulshof. Hoe dat in de praktijk uitgewerkt zal worden, kan nog worden niet gezegd.
Gemeenteraden
De actualisatie waar onder andere Hazenberg Archeologie als RAAP bij betrokken zullen worden, zal naar verwachting medio 2014 voorgelegd worden aan de gemeenteraden van de verschillende gemeenten. Zij zullen uiteindelijk beslissen over de invoering van het nieuwe archeologisch beleid. “In het kader van de beleidsactualisatie zullen ook richtlijnen worden geformuleerd waarin tevens aandacht is voor communicatieaspecten.”
Caspar Steinebach voor De Erfgoedstem
Caspar Steinebach
Laatste berichten van Caspar Steinebach (toon alles)
- Archeologen speuren in Rossum naar resten oudste burcht Nederland - 17 december 2015
- Grond onder nieuwe woonwijk blijkt goudmijn - 17 december 2015
- Eeuwenoude vondsten langs spoor Haren - 15 december 2015

