Noraly Beyer opent Swart op de Gracht in Museum Geelvinck

De opening wordt muzikaal omlijst door Gerda Havertong. Het jaar 2013 is niet alleen het Jaar van de Grachtengordel, maar tevens het jaar waarin wij 150 jaar afschaffing van de slavernij in Suriname en de Nederlandse Antillen herdenken. Beide aspecten heeft Museum Geelvinck Hinlopen Huis te Amsterdam aangegrepen om zijn historische relatie tot het slavernijverleden te onderzoeken.

Waar zijn sporen van slavernij te vinden en wat is ervan nog zichtbaar op de gracht? Wie naar boven kijkt, ontwaart op tal van gevels, gevelstenen met een verwijzing naar slavenhandel of producten van slavenarbeid: koffie, tabak, cacao en bovenal suiker. Ons boeide de vraag, hoe dit productiesysteem ons dagelijks leven heeft beïnvloed, vanaf de 17de eeuw tot vandaag de dag aan toe. Wie is er zich nog van bewust, dat aan dat kopje koffie met suiker en een chocolaatje een slavernijverleden kleeft?

De wereldhandel in suiker, cacao, koffie en tabak is sedert de Gouden Eeuw één van de pijlers van de welvaart van Amsterdam. Producten op basis van deze tropische grondstoffen zijn niet meer uit het dagelijks leven weg te denken. Zonder de inzet van slaven uit West-Afrika was deze ontwikkeling ondenkbaar geweest. De tentoonstelling geeft de invloed ervan op het leven in de grachtengordel weer, toen en nu.

Vier eeuwen geleden werden suiker, cacao, koffie en tabak booming business: de basis werd gelegd voor een wereldwijde genotsmiddelenindustrie. Miljoenen Afrikanen zijn als slaaf naar het Amerikaanse continent verscheept om de zware arbeid op de plantages voor deze tropische grondstoffen te verrichten. In deze sector floreerden Amsterdamse handelsfirma’s.

Als medeoprichter, in 1682, van de Sociëteit van Suriname, de publiek-private beheersmaatschappij voor deze kolonie, stimuleerde de stad Amsterdam de ontwikkeling van plantages. Albert Geelvinck, de eerste bewoner van het Geelvinck Hinlopen Huis, was één van de eerste directeuren van de Sociëteit van Suriname. Hij gaf ondermeer opdracht tot het verschepen van 500 Afrikaanse slaven naar Suriname. Alle volgende bewoners van het Geelvinck Hinlopen Huis in de 18e eeuw zijn eveneens betrokken bij de Sociëteit. Door familiebanden en zakelijke netwerken is dit exemplarisch voor de meeste patriciërshuizen tussen de Gouden Bocht en de Amstel. Nader beschouwd, profiteerde indertijd vrijwel iedereen in Amsterdam direct of indirect van de vruchten van Afro-Amerikaanse slavenarbeid.

De Sociëteit van Suriname is de voorloper van de Nederlandsche Handel-Maatschappij, die ook mede op initiatief van een bewoner van het Geelvinck Hinlopen Huis tot stand kwam. De huidige ABN-Amro Bank is hieruit voortgekomen.

Als handelscentrum is Amsterdam prominent aanwezig op de wereldmarkt voor tropische grondstoffen; het is zelfs de grootste cacaohaven ter wereld. Onvrijwillige arbeid – slavernij – bestaat nog steeds, ook op plantages. Amsterdam vormt echter tevens een bron voor creatieve ideeën die betere arbeidsomstandigheden en duurzame productie in de toekomst mogelijk moeten maken.

De tentoonstelling is tot stand gekomen met steun van Stichting Amsterdam 2013, het Mondriaan Fonds, het Prins Bernhard Cultuurfonds Noord-Holland en het VSBfonds.

De tentoonstelling is te zien t/m 30 september 2013

Persbericht Museum Geelvinck Hinlopen Huis