Opgraving gepland om grafkelder van Hofkapel te vinden 

Archeologen zijn opnieuw aan het werk op het Binnenhof, dit keer met als doel graven te vinden onder de voormalige Hofkapel. Zouden de skeletten van prominente figuren zoals Jacoba van Beieren en Johan van Oldenbarnevelt er nog zijn? Hoewel de kans klein is dat er nog herkenbare resten worden gevonden in de kelder van de voormalige Hofkapel op het Binnenhof, zijn de archeologen van de gemeente Den Haag vastberaden. De opgravingen begonnen maandagochtend onder de huidige Eerste Kamer en de aangrenzende straat genaamd ‘Opperhof’. 

Ondanks enige professionele scepsis is Andjelko Pavlovic, archeoloog bij de gemeente, toch positief gestemd en hoopt hij zoals elke archeoloog te kunnen graven en ontdekkingen te doen. “We hopen natuurlijk dat er graven liggen, zodat we deze met behulp van de huidige technologie kunnen bestuderen. En mochten er inderdaad natuurstenen grafzerken liggen dan hopen we dat we deze kunnen dateren en identificeren. Maar het zal van dag tot dag spannend zijn wat we vinden en waar we tegenaan lopen. Dat hoort nu juist bij het werk van een archeoloog.”  

Verwachtingen en uitdagingen van het archeologisch onderzoek 

Het onderzoek, dat een periode van twee maanden beslaat, omvat zowel de binnenkant van de kelders van de Eerste Kamer als het gebied erbuiten. Om het publiek de gelegenheid te geven mee te kijken, zijn de bouwschuttingen speciaal verplaatst. De Haagse archeologen werken nauw samen met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). 

Het doel van het onderzoek is om meer inzicht te krijgen in de geschiedenis van de voormalige Hofkapel op het Binnenhof. Deze kapel werd oorspronkelijk gesticht door graaf Floris V en later uitgebreid. Na de Reformatie diende de kapel lange tijd als ‘Waalse Kerk’ voor Franstalige protestanten. Gedurende eeuwen werden vooraanstaande inwoners van Den Haag bijgezet in de grafkelder, waaronder ook de onthoofde raadpensionaris Van Oldenbarnevelt. 

In latere jaren werd de kerk door de katholieke koning Lodewijk Napoleon als hofkapel gebruikt. Toen hij verhuisde naar Utrecht, werd de kerk overgedragen aan de Haagse katholieken van de St. Jacobusparochie. In 1879 werd de kapel ontmanteld vanwege de groei van het ambtenarenapparaat, hoewel sommige delen van de muren en het dak werden opgenomen in de nieuwbouw. De gelovigen verhuisden naar een nieuwe kerk aan de Parkstraat, die nu bekend staat als de H. Jacobus de Meerdere kerk. De apostel Jacobus is de beschermheilige van Den Haag. 

Belangstelling van demissionair premier Rutte 

Uit het rapport ‘De stoffelijke resten van Johan van Oldenbarnevelt’ van de RCE uit 2019 blijkt dat Van Oldenbarnevelt niet geïdentificeerd kan worden vanwege het ontbreken van een hedendaagse DNA-match. Daarom is eerder besloten om het onderzoek te richten op het vastleggen van de bredere rijkdom van het bodemarchief op die locatie. Het bodemarchief is echter verstoord door eerdere bouwwerkzaamheden en beperkte opgravingen. 

Desondanks blijven de Hofkapel en de grafkelder intrigeren. Zelfs demissionair premier Rutte, een historicus van opleiding, heeft eerder veel interesse getoond. Hij beloofde in 2018 in antwoord op vragen van Kamerlid Ronald van Raak (SP) dat er een onderzoek zou plaatsvinden. 

Planning en methoden van de opgraving 

In de week van 10 juli zal het afgraven van zestig centimeter grond beginnen, in de hoop de eerste sporen van de aanwezige gemetselde grafgewelven te ontdekken. Deze zullen vervolgens archeologisch in kaart worden gebracht door middel van metingen, beschrijvingen, fotografie en scannen. 

In de twee daaropvolgende weken zullen de archeologen dieper gaan graven en de bodem in kaart brengen en onderzoeken. Hierbij zullen 3D-beelden van de aanwezige graven gemaakt kunnen worden. Indien er skeletten of natuurstenen grafzerken aanwezig zijn, zullen deze worden geborgen voor verder specialistisch onderzoek. Vanaf eind augustus zullen er gaten in muren en vloeren worden geboord om met behulp van camera’s een kijkje te kunnen nemen. 

De funderingen en gemetselde grafgewelven worden gescand en gedocumenteerd om zo nauwkeurig mogelijk vastgelegd te worden. Het uitgangspunt is altijd om archeologische resten zoals funderingen en gemetselde grafgewelven die in de grond behouden kunnen worden, ook daadwerkelijk in de grond te laten. Losse vondsten worden gereinigd, geconserveerd en gerestaureerd. Vervolgens worden ze opgeslagen in het archeologisch depot van de gemeente Den Haag. Op die manier zijn de vondsten altijd beschikbaar voor onderzoek en kunnen ze tentoongesteld worden, bijvoorbeeld in het informatiecentrum van de renovatie op de Plaats dat later dit jaar geopend wordt.