Nationaal Monument Kamp Vught krijgt extra financiële ondersteuning van de rijksoverheid. Hoewel het exacte bedrag nog niet bekend is, staat vast dat het museum kan rekenen op een deel van de 6,5 miljoen euro die beschikbaar is gesteld voor herinneringscentra rond de Tweede Wereldoorlog. Dat blijkt uit de voorjaarsnota van het kabinet.
Structurele impuls voor WOII-erfgoed
In totaal wordt 6,5 miljoen euro verdeeld onder meerdere organisaties die zich inzetten voor de herinnering aan de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust. Deze subsidie loopt door tot in 2029. Het geld is bedoeld om de toegankelijkheid en kwaliteit van educatie en herdenking te verbeteren voor een breed publiek in Nederland. Naast Kamp Vught profiteren ook andere instellingen, zoals het Herinneringscentrum Kamp Westerbork, Kamp Amersfoort, het Oranjehotel, het Indisch Herinneringscentrum en het Nationaal Comité 4 en 5 mei.
Kamp Westerbork ontvangt daarnaast een afzonderlijke bijdrage van 15 miljoen euro voor renovatieplannen.
Positieve ontwikkeling, ondanks onzekerheid
Jeroen van den Eijnde, directeur van Kamp Vught, reageert positief op het nieuws, al is nog niet duidelijk wat het concreet betekent voor zijn organisatie. “Het is goed nieuws,” zegt hij. “Maar we weten nog niet precies wat dit voor ons gaat inhouden in financiële termen.”
Volgens Van den Eijnde is het extra geld belangrijk voor het versterken van de organisatie, onder meer door uitbreiding van personeel en het kunnen inspelen op toenemende bezoekersaantallen en samenwerkingsverzoeken. Eerder luidde hij samen met collega-directeuren de noodklok bij de Tweede Kamer vanwege stijgende kosten en achterblijvende subsidies.
Bezoekersrecord in zicht
Nationaal Monument Kamp Vught vierde vorige week zijn 35-jarig bestaan. Sinds de opening op 18 april 1990 door koningin Beatrix, is het bezoekersaantal flink gestegen. Waar in het eerste jaar 17.000 mensen langskwamen, trok het herinneringscentrum in 2024 al bijna 98.000 bezoekers. Op 21 april stond de teller van dit jaar al op 33.235, een stijging van 15,7 procent ten opzichte van vorig jaar.
Van den Eijnde benadrukt dat de extra ondersteuning cruciaal is om de groei en het belang van het centrum ook in de toekomst te kunnen waarborgen.

