Deze site is 'Under Construction', nog even geduld

Themajaar Buitenplaatsen bezorgt monumentenwachten werk

Het Jaar van de Historische Buitenplaats 2012 heeft niet alleen veel activiteiten, resultaten en enthousiasme opgeleverd. Het heeft, direct of indirect, ook werk bezorgd aan diverse monumentenwachten.

Een blik op de website www.buitenplaatsen2012.nl laat zien dat er het afgelopen jaar veel is gebeurd rond de historische ensembles van gebouwen en groen. Via de link ‘Aanbevelingen’ zijn de diverse inleidingen te raadplegen die werden gehouden tijdens de slotmanifestatie op 30 november 2012. Zij geven een goede indruk van hetgeen bereikt is en van wat men nog wil bereiken. Interessant is ook dat, hoewel het themajaar officieel ten einde is, verschillende activiteiten worden voortgezet.

Het themajaar heeft voor diverse monumentenwachten extra werk opgeleverd. In de meeste gevallen omdat provinciale overheden, naar aanleiding van ‘het jaar’, meer informatie willen over de onderhoudstoestand van buitenplaatsen in (een deel van) hun gebied. En vaak ook over de kosten om de ‘rood-groene’ ensembles in stand te houden.

“Een wijd verbreid misverstand is dat de (particuliere) eigenaren van de buitenplaatsen rijk zijn en het onderhoud gemakkelijk zelf kunnen dragen. Er is juist een groot tekort aan middelen voor onderhoud van zowel gebouwen als tuinen, parken en ander omringend groen erfgoed. Het beheer van historische buitenplaatsen levert veelal een negatief saldo op.”

Dit citaat is afkomstig uit de rapportage van het quick scan-onderzoek dat Monumentenwacht Gelderland heeft uitgevoerd naar de reguliere onderhoudsbehoefte van de 119 beschermde buitenplaatsen in deze provincie. Hiervoor is een representatieve steekproef van 25 objecten onderzocht. De resultaten hiervan zijn geëxtrapoleerd naar het totaal. Als je de uitkomsten van het onderzoek even op je laat inwerken, begrijp je dat met het citaat niets te veel is gezegd.

De conclusie luidt namelijk, iets verkort weergegeven, als volgt. “De reguliere instandhouding van de Gelderse buitenplaatsen is een grote opgave. De globale instandhoudingskosten liggen tussen de 123 en 153 miljoen euro in tien jaar. Dat komt neer op een gemiddeld bedrag van tussen de €  103.000 en €  128.500 per jaar per buitenplaats. Een kwart van deze kosten zijn nodig voor ‘rood’, driekwart voor ‘groen’.” Vooral dat laatste maakt een ernstig knelpunt duidelijk: het onderhoud van tuinen en parken kost veel geld, terwijl juist daar weinig opbrengsten tegenover staan.

De Provincie Utrecht kent een regeling Erfgoedparels met een bijbehorend Parelfonds. Ze hebben tot doel de de restauratie van grote, spraakmakende monumenten mogelijk te maken. Er is besloten een deel van het budget voor de periode 2012-2014 uit te trekken voor historische buitenplaatsen. Als uitvloeisel hiervan is aan Monumentenwacht Utrecht gevraagd via korte, verkennende onderzoeken de toestand van 118 van deze objecten in kaart te brengen. De Provincie wil hieruit een aantal buitenplaatsen selecteren. Met bijdragen uit het Parelfonds en van cofinanciers zullen hier vervolgens herstelmaatregelen worden uitgevoerd. De snelle verkenningen zijn momenteel in volle gang en verlopen goed. Enkele adviseurs van Monumentenwacht hebben zich hierin gespecialiseerd. Er bestaat een kans dat de Provincie op termijn ook andere typen gebouwen op deze manier wil laten onderzoeken. Monumentenwacht Utrecht zal ook daar graag aan meewerken.

In verschillende projecten hebben de provinciale monumentenwachten samengewerkt met de landelijk opererende Groene Monumentenwacht. Deze organisatie heeft zich, zoals de naam al aangeeft, gespecialiseerd in het beheer en onderhoud van monumentaal groen. En dat komt bij uitstek voor op historische buitenplaatsen.

Bij het onderzoek naar bijna vijftig Limburgse kastelen/buitenplaatsen ligt het accent zelfs op de groene component. Daarbinnen komen overigens, juist bij buitenplaatsen, allerhande gebouwde elementen voor. Denk aan tuinmuren, entreepoorten, trappen, bruggen, terrassen, tuinvazen, beelden, beschoeiingen van vijvers, priëlen en andere kleine bouwwerken. Als er schade is aan dergelijke objecten, rapporteren de bouwkundige specialisten van Monumentenwacht Limburg hierover. De inspecteurs van beide monumentenwachten stemmen hun bevindingen af en stellen een gezamenlijk advies op.

Het project in Gelderland is afgerond. De inventarisaties in Utrecht en Limburg lopen nog. Neem bij interesse contact op met de monumentenwacht in uw provincie.

Ingezonden bericht Monumentenwacht Nederland