Bij het archeologisch onderzoek in het kader van de aanleg van de Westfrisiaweg, is wederom een skelet uit de Bronstijd aangetroffen. Het is een compleet skelet van een man. De opgravers hebben het skelet ‘Mark’ genoemd. Die naam is een afkorting van een toekomstige aansluiting op de Westfrisiaweg: de Markerwaardweg. Het skelet werd in de buurt van deze weg gevonden.
‘Mark’ is op middelbare leeftijd gestorven en had een lengte van ongeveer 1.70 m. Hij lag op zijn buik, met de linkerarm naast het lichaam en de rechterarm langgerekt eronder. De achterkant van de schedel vertoonde een gat. Het is niet duidelijk of dit gat een verwonding was waaraan Mark is overleden. Het zou kunnen zijn dat het gat later is ontstaan door bijvoorbeeld de schaar van een ploeg of iets anders. De kaak was samengedrukt door de druk van de grond. Het skelet verkeerde tijdens de opgraving in opvallend goede staat. De handbeenderen lagen nog perfect in anatomisch verband.
‘Mark’ is het tweede skelet uit de Bronstijd dat bij het archeologisch onderzoek in het kader van de N23 Westfrisiaweg gevonden is. Onlangs werd ‘Drechtje’ al in de West-Friese kleigrond ontdekt en met grote zorgvuldigheid opgegraven.
Caspar Steinebach
Laatste berichten van Caspar Steinebach (toon alles)
- Archeologen speuren in Rossum naar resten oudste burcht Nederland - 17 december 2015
- Grond onder nieuwe woonwijk blijkt goudmijn - 17 december 2015
- Eeuwenoude vondsten langs spoor Haren - 15 december 2015

