Locatie opgravingen Bronstijd vindplaats Houten Beeld: Gemeente Houten

Nederzettingen uit de IJzer- en Bronstijd gevonden in Houten

De gemeente Houten wil in Houten Zuid, ten zuiden van de warmtekrachtcentrale aan de Raaigras, woningen bouwen. Dit terrein is echter een bijzonder plek want het is een archeologisch rijksmonument. Een archeologisch monument is een terrein dat deel uitmaakt van ons cultureel erfgoed, omdat op of in de bodem van dat terrein resten, voorwerpen of andere sporen van menselijke aanwezigheid in het verleden bewaard zijn gebleven.

Hier is al een keer een proefopgraving gedaan. Dat onderzoek heeft aangetoond dat er binnen de grenzen van het monument ten minste twee vindplaatsen zijn. De jongste is uit de IJzertijd/Romeinse tijd (800 v.Chr.- 450 na Chr.)  en bevat resten van een nederzetting langs een watergeul. Deze resten bevinden zich verspreid over het hele gebied. De oudste en tweede vindplaats is uit de Midden-Bronstijd (1800 – 1100 voor Christus). Deze veel kleinere vindplaats bevat ook resten van een nederzetting.

De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) is onder de indruk van de kwaliteit en bijzonderheid van de vondsten. RCE en de gemeente vinden daarom dat de vindplaatsen behouden moeten blijven. De archeologen van ADC ArcheoProjecten graven de kleine locatie uit de Bronstijd op. Op de vindplaats uit de IJzertijd/Romeinse tijd wordt op een manier gebouwd die de vondsten niet beschadigt. Zo bewaar je de historische resten. De kabels en leidingen in de grond worden aangelegd in een extra grondlaag die jaren geleden al is aangebracht. De woningen staan straks op heipalen die op meer afstand van elkaar staan dan normaal.  Zo blijft het grootste deel van het monument intact.

Het doel van de opgraving is om alle archeologische resten uit de Bronstijdvindplaats veilig te stellen. De archeologen doen ook meteen zoveel mogelijk kennis op. De opgravers vinden waarschijnlijk resten van huizen en bijgebouwen, kuilen, greppels en palenrijen. En ook organische resten, zoals bot, hout en botanisch materiaal zoals riet. Ze verwachten verder resten te vinden van het bronsmaken dat men in de nederzetting deed. Dat is al bij de proefopgraving gevonden en dat is heel bijzonder. Alles bij elkaar geeft de opgraving een bijzonder kijkje in het verleden. Het laat ons zien hoe de mensen in die tijd en op die plek leefden en werkten.

Uitvoering van de werkzaamheden

In de week van 13 tot en met 17 april wordt het terrein afgezet met bouwhekken. In de week van 20 april start het afgraven van de bovenste laag grond. Op 6 mei begint het archeologische onderzoek, dat ongeveer 7 weken duurt.