Leegstand als beste (her)bestemming voor forten?

Net als veel mensen ben ik een fervent hardloper. Een vast rondje heb ik echter niet. Elke week ren ik ergens anders. Soms lees ik over een interessante plek, en besluit daar dan heen te rennen (aanrader). Deze week was dat een eind 19e eeuws fort aan de rand van Antwerpen. Ingeklemd tussen woonhuizen, een zwembad en spoorlijn was het nog goed zichtbaar. Tot mijn verbazing kon ik er bij aankomst gewoon naar binnen. Zonder toezicht kon ik het gehele fort – in sportkleding – bewonderen.

Forten in het landschap
Nu moet gezegd worden dat Antwerpen ook wel weelderig bedeeld is met forten. De Stelling van Antwerpen telt er dertig, waarvan een groot deel nog in goede staat is. Deze forten zijn tussen 1850 en 1914 gebouwd door de bekende vestingbouwer Brialmont. Het kostte de jonge staat miljarden – en omwonenden hun huizen. In elk fort konden militairen een maandenlange belegering doorstaan. Voor Europa was het duidelijk: België was niet van plan nóg een keer haar onafhankelijkheid op te geven.

Anno 2015 hebben de forten hun functie verloren. Ze staan als grote kolossen van gewapend beton in het landschap. Herbestemmen blijkt lastig. Dezelfde uitdaging kennen wij in Nederland met de zestig forten van de Hollandse waterlinie. De laatste jaren is er veel geïnvesteerd om deze opnieuw zichtbaar te maken, en om ze een nieuwe bestemming te geven. Er zijn onder andere twee campings, zes musea, tien vergaderzalen en een botanische tuin in gerealiseerd. Vijftien forten zijn in beheer van Staatsbosbeheer. Deze worden vooral met rust gelaten om de natuur haar gang te laten gaan. Niet geheel verassend wonen vleermuizen er graag.

De stad als vesting
Stedelijke vestingen zijn een ander verhaal. Hier is nauwelijks sprake van natuur, en er zijn meer (toeristische) kansen. ’s-Hertogenbosch bewijst dit. Al meer dan 15 jaar werken zij aan het zichtbaar maken van de vestingwerken rondom de stad. Met groot succes. Tegenwoordig komen er duizenden bezoekers die wandelend, fietsend of over water de (gerenoveerde) bolwerken bewonderen.

Dat het altijd grootser kan bewijzen de Canadezen. Zij werken al meer dan vijftig jaar (!) aan de vestingstad Louisbourg. Deze vesting is in 1758 compleet met de grond gelijk gemaakt, en wordt nu volledig herbouwd op de funderingen van 1740. Tientallen gebouwen, bastions en vestingwerken zijn al herrezen – allen gebouwd door werkloze mijnwerkers met een cursus 18e eeuws bouwen. Kosten noch moeite worden hier gespaard. In de straten ‘wonen’ zelfs acteurs die het dagelijks leven in 1740 uitbeelden.

Terug naar de realiteit
Het is onmogelijk om voor elk fort een perfecte herbestemming te vinden. Sommige forten liggen ver van de bewoonde wereld en zijn zwaar verwaarloosd. Hierdoor zijn restauratie en herbestemming erg kostbaar. Misschien is de aanpak van de stad Antwerpen, bij het fort waar ik was, zo gek nog niet. Het complex is gewoon open – zonder nieuwe bestemming. Het geeft mogelijkheden tot barbecues, sportbeoefening, zonnebaden of andere vormen van ontspanning. In dit geval lijkt geen herbestemming de beste bestemming.

Interesse in een nachtje kamperen op een oud fort? Voor 5 euro per nacht per persoon kan dit al, zie www.fortspion.nl

De website van fort Louisbourg: www.fortressoflouisbourg.ca

De website van het project ‘vestingstad ’s-Hertogenbosch’: vestingstad.s-hertogenbosch.nl

The following two tabs change content below.

Gertjan de Boer

Gertjan de Boer (1989) werkt bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Als correspondent schrijft hij op persoonlijke titel. Hij studeerde Monumenten- en Landschapszorg in Antwerpen en werkte eerder bij Erfgoed Leiden, gemeente Groningen, gemeente De Ronde Venen en Natuurmonumenten.