Zonlicht was stukken goedkoper dan olie en gas (1929). ‘s Avonds ging de centrale lamp boven de eettafel aan (1924) Foto: W.J. Kret, Erfgoed Leiden en Omstreken

Energiezuinig wonen? Leer van uw grootouders!

Bij het verduurzamen van woningen kijken wij altijd naar moderne oplossingen. Vrijwel niemand gaat te rade bij zijn grootouders. Dit is jammer, want zij waren meesters in energiezuinig wonen. Wat zij (onder andere) deden om de brandstofkosten te drukken leest u gevisualiseerd ik in dit artikel. Het mooie van deze ‘lessen’ is dat ze u ook in uw moderne huishouden nog veel energie – en geld! – kunnen besparen.

Les 1: verwarm per ruimte
Onze grootouders verwarmden per ruimte. In één kamer ging de kachel aan, de rest van het huis bleef koud. Tot de doorbraak van centrale verwarming – eind jaren zestig – bleef dit gebruikelijk. Dit staat in schril contrast met de moderne manier van verwarmen. Sommige mensen verwarmen ieder vertrek in hun huis – tot de wc aan toe! Wees u hiervan bewust. Doe de verwarming in ruimtes waar u niet bent uit.

Les 2: gebruik de gang waar hij voor bedoeld is
Tot enkele decennia geleden was de gang een afgesloten ruimte met trapopgang. Vandaag de dag is het weinig meer dan een grote kapstok. De deur tussen gang en woonkamer staat in sommige huizen zelfs altijd open. Handig is dit niet: de kou van buiten vliegt zo de woonkamer in.

Een tweede verandering in gang-gebruik is het verdwijnen van de trap. Deze verplaatsen we steeds vaker naar de woonkamer. Mooi misschien, maar zeker niet energiezuinig! Door de (open) trap in de woonkamer verdwijnt veel warmte naar boven.

Gang met extra tussendeur. Veel historische huizen hebben nog een tussendeur. Deze houdt veel kou tegen Foto: W.J. Kret, Erfgoed Leiden en Omstreken

Les 3: installeer zonwering
Luiken, zonneschermen, persiennes: waar zie je ze nog? Voor de Tweede Wereldoorlog waren ze niet weg te denken uit het straatbeeld. Zomers hielden ze zonlicht en warmte tegen. Maar onze grootouders sloten ze op koude winterdagen ook. Dan hielden ze namelijk de warmte binnen! Met de komst van centrale verwarming en airco zijn ze vrijwel allemaal verdwenen. Spijtig, want duurzamer – en mooier? – dan dit ga je het niet krijgen.

In vrijwel elke straat zag je een bonte verzameling aan zonwering. Tegenwoordig moet je er naar zoeken Foto: W.J. Kret, Erfgoed Leiden en Omstreken

Les 4: wees bewust van je verlichting
Onze grootouders maakten slim gebruik van de grootste lamp op aarde: de zon. Door deze optimaal te benutten hoefden zij overdag geen – kostbare! – olie of gas te verbruiken. Pas ’s avonds ontstaken zij één lamp. Rond dit licht zaten de gezinsleden te lezen, handwerken of roken. Energiezuinig, maar ook gewoon gezellig. Helaas is elektriciteit tegenwoordig zo goedkoop dat wij de besparingsprikkel missen.

Zonlicht was stukken goedkoper dan olie en gas (1929). ‘s Avonds ging de centrale lamp boven de eettafel aan (1924) Foto’s: W.J. Kret, Erfgoed Leiden en Omstreken

Les 5: richt je huis warm in
Tot slot ons interieur. Moderne huiskamers zijn vaak kaal en ‘koud’ ingericht. Er staan metalen kasten, houten vloeren en dunne gordijntjes. Hoe anders is dit vergeleken met de huiskamer op de afbeelding hieronder. Let op de grote hoeveelheid stoffen meubels. Kenmerkend voor textiel is dat het warmte vasthoudt. Oftewel: het voelt snel comfortabel warm aan.

Let ook op de gordijnen. Vroeger koos men altijd voor dikke stoffen gordijnen. Ook heel slim: isolerende gordijnen achter je enkelglas werken net zo goed als dubbel glas (uit de jaren ’90).

Een woonkamer met stoffen meubels en dikke gordijnen, ca. 1910 Foto: W.J. Kret, Erfgoed Leiden en Omstreken

Benut alle kennis!
Met dit artikel wil ik niet propageren dat het ongewenst is om woningen te isoleren of energie duurzaam op te wekken. Integendeel: doe dit vooral (als de mogelijkheden er zijn). We moeten ons hier echter niet op blind staren. Laten we ook bovenstaande eeuwenoude manieren van energie besparen benutten. Onze voorouders hebben al bewezen dat ze werken!

Deze afbeeldingen toon ik ook bij presentaties. Elke keer herkennen toehoorders ze. Velen brengen mij ook op het spoor van andere historische ‘slimmigheidjes’. Deze voeg ik vervolgens toe aan mijn presentatie. Hierbij mijn oproep aan u: herkent u deze ‘slimmigheidjes’? Hebt u zelf nog goede adviezen? Ik hoor ze graag!

The following two tabs change content below.

Gertjan de Boer

Gertjan de Boer (1989) werkt bij Natuurmonumenten. Hij studeerde Monumenten- en Landschapszorg in Antwerpen en werkte eerder bij Erfgoed Leiden, gemeente Groningen en gemeente De Ronde Venen. Als correspondent schrijft hij op persoonlijke titel.
  1. Morgen Gertjan, Wij hebben geleerd te wonen op de oude wijze, sinds 2008 met ons gezin van 4 kinderen nu. Ik en mijn vrouw zijn geboren in 1980. Alle tips uit uw artikel zijn in voege bij ons en boven, onder de zoldering alwaar we allen slapen staat dag en nacht een raam open voor de ventilatie en ’s winters slapen we onder de wollen dekens…gewoon zalig °) De Reinaerthoeve – PolderMAS Ouden Doel
    beste groeten Benjamin&Katrien

  2. Inderdaad. Wij woonden in een vrijstaand huis in een bos. Hadden luiken en die gingen als het donker werd dicht. Dan ook de overgordijnen. Stookten hout uit het bos. In de woonkamer was er 1 lamp aan. Als we in de keuken of een andere kamer waren geweest en kwamen terug in de woonkamer vroeg mijn moeder altijd, heb je het licht uitgedaan. Was misschien een kwestie van zuinigheid, maar ik doe nog steeds het licht uit als ik in de keuken ben geweest. Zit er gewoon in ge bakken van vroeger.

  3. Ook in de vroegere stedenbouw is veel terug te vinden om de bebouwing in de zomer goed te koelen en in de winter goed op te warmen met behulp van zonwarmte.

  4. Beste Gertjan, bedankt voor je artikel. Ik (nu 70 jaar) herinner me dat ik als jongen van een jaar of 12 eens ’s winters over de Leidseweg in Voorschoten fietste en tot mijn verbazing iemand in zijn overhemd voor het raam zag staan. Naderhand snapte ik het: die man had al CV. Al gauw liep ik er ’s winters ook zo bij. Maar wat een verspilling van energie, daartoe van staatswege aangemoedigd: op de radio klonk “In Holland brengt een buis de warmte bij u thuis” (op de wijze van “In Holland staat een huis”). Tegenwoordig worden we van staatswege niet aangemoedigd om weer een trui aan te trekken, maar om onze huizen te isoleren en van dubbel glas te voorzien…

  5. Hoi Benjamin en Katrien,

    Wat leuk om te horen! Ik heb jullie huis en museum op internet opgezocht. Wat mooi dat deze oude technieken bij jullie nog altijd werken.

    Succes met jullie museum!

    Gertjan

  6. Beste heer of mevrouw Butterman,

    Zulk gedrag leer je inderdaad niet meer af! Dat is ook het mooie van deze technieken; ze worden onderdeel van je routine.

    Bijzonder ook van de luiken. Tegenwoordig doet niemand nog zijn luiken dicht tegen de kou. Onze comfort-wens om naar buiten te kunnen kijken lijkt helaas belangrijker dan energie besparen…

    Groet,

    Gertjan

  7. Hoi Benjamin en Katrien,

    Wat leuk om te horen! Ik heb jullie huis en museum op internet opgezocht. Wat mooi dat deze oude technieken bij jullie nog altijd werken.

    Succes met jullie museum!

    Gertjan

  8. Beste anoniem,

    Hier weet ik weinig van. Kan u voorbeelden noemen? Lijkt mij heel interessant!

    Gertjan

  9. Beste heer Maas,

    Dank voor uw geweldige reactie! Het bestaan van deze reclamespotjes kan ik mooi gebruiken voor mijn presentatie. Het toont schrijnend aan hoe wij lange tijd met energie om zijn gegaan en hoe dit zelfs werd aangemoedigd!

    U heeft tevens gelijk. Tegenwoordig worden we aangemoedigd om te isoleren. Ik vraag mij wel eens af wat effectiever is: energiezuinig wonen in een niet geïsoleerde woning of energieverspillend wonen in een geïsoleerd woning. Het zal hoe dan ook niet veel schelen.

    Een hartelijke groet,

    Gertjan

  10. het grote verschil is dat vroeger de mens zichzelf warm hield, door laagjes kleding en dat na de aansluiting op het aardgas de lucht verwarmd werd.
    nb. wat heel belangrijk is en vaak vergeten wordt:
    de prikkels tot bezuinigen ( niet alleen geld, maar ook arbeid en inrichting van huizen) die er voorheen waren, verdwenen.
    Voordien werd het huis alleen met hulp van arbeid verwarmd: elke schep kolen elke takkenbos moest aangedragen worden.
    En voor warm water moest er een keteltje op het vuur gezet worden.
    Je dacht wel even na voordat je een heel bad vulde.
    Zelfs in het ziekenhuis was de regel dat je in bed werd gewassen, alweer met een teiltje. Hoezo douche? Het was al heel wat als je in bad ging.
    En dan vaak nog om koorts te verlagen met een koud bad.

    Voor huishoudens was een zinken teil goed genoeg en die kon je in de zomer buiten zetten om in de zon op te warmen.
    Doordeweeks volstond een washandje voor de essentiele delen, Zaterdags de teil. En op zondag een warm voetenbadje,
    nb. Net als middagdutjes, groen, en genoeg water drinken, onbewerkt voedsel , en natuurlijke medicatie/ verzorging zijn warme voetenbaden van essentieel belang voor de gezondheid.
    Voordien waren er maar enkele plekken van elektra voorzien. En de leverantie via het net wilde nog wel eens uitvallen – dan deden de pieterolie-lampen en kaarsen dienst.

    Net zoals woning- en kantoorinrichting van belang is voor de gezondheid ( zorg dat je moet blijven lopen) is dat ook voor het energieverbruik van groot belang. Denk na voordat je inricht. In de jaren 80 woonde ik in Zeeland, in een nieuwgebouwde geschakelde woning, en daar was om energieredenen, de trap in de woonkamer geplaatst maar wel in een aparte ruimte, in het midden van de kamer, zodat de warmte niet kon wegtrekken maar in de kamer bleef. Tevens werd daardoor de woonruimte ” gescheiden” in eetgedeelte bij de keuken en woongedeelte. In het woongedeelte was een open haard, waar ook heel goed een houtkachel geplaatst kon/ kan worden. Dat is immers waar je stil zit en minder warmte nodig hebt.
    Bij de keuken en het eetgedeelte was een deur, met veel glas, maar niet openslaande deuren, naar de achtertuin. Op het Oosten zodat je s morgens daar zonlicht had – en de zon schijnt in Zeeland vaak genoeg.
    De voordeur kwam uit in een halletje met opnieuw een deur voordat je in de kamer kwam. Energiesluis en functie verdeling. Waar het toilet zat weet ik niet meer, maar waarschijnlijk ook het halletje, waarachter de keuken , zodat de riolering zo functioneel mogelijk werd gebruikt.

    En de inrichtingskansen gelden ook voor de buitenruimte – als je de was te drogen hangt beweeg je meer en verbruik je minder fossiele energie, wel zonne – energie.
    Nergens hangt nu meer de was te drogen aan de waslijnen.. wel heeft Ikea zeer handige droogrekjes die je overal neer kan zetten en ook prima kan inklappen en opbergen. Maar wij moeten zo nodig een droger! Waarom eigenlijk??

    Wasgoed van buiten ruikt zo lekker. en je kan er zelf nog lavendel bij planten ook. Dat kan je trouwens ook in huis neerzetten. Maar niet in de droger stoppen…

    Nb. Eigenlijk zijn we heel goed in staat om zelf ” beproefde methodes te combineren met nieuwe mogelijkheden. Zelf ben ik dol op wat nu heet “ski – underwear” zeker van een lowbudget oorspronkelijk Duits bedrijf, want dat doet veel wol in deze “sportkleding” .
    Aangezien het hier te lande slechts enkele dagen per jaar vriest, is door praktisch kleding aanpassing heel goed en comfortabel te leven … zonder kachel maar me deze “sportkleding” . Onze oma’s en opa’s deden niet anders. ZIj droegen lange rokken en de heren hadden wollen jaeger ondergoed en net als de vrouwen ook borstrokken. Dat heet nu anders, maar je kunt het principe nog steeds heel goed toepassen .Het is niet voor niets dat bedoelde sportkleding bij bedoelde winkelketen de deur uitvliegt..

    Heel veel !!

    Assy

  11. Pardon, ik zie een paar redactionele foutjes met komma’s en ook heb ik geschreven dat waar je zit minder warmte nodig is. Dat moet natuurlijk zijn: meer!Haastige spoed…

  12. Beste Aster,

    Dank voor je reactie! Bijzonder dat je zoveel voorbeelden kan bedenken.

    Ik vind vooral je eerste stelling interessant: vroeger hield je jezelf warm, nu wordt je omgeving verwarmd. En je hebt gelijk dat vroeger elke handeling energie kostte. Men probeerde dit natuurlijk te beperken.

    Over de droger; volgens mij is dat wel op zijn retour. Ik kom bij veel mensen thuis, en zie – vooral bij jonge gezinnen – nog maar sporadisch een droger. En als men er al een heeft worden ze nauwelijks gebruikt (handdoeken, ondergoed).

    De tip van de wollen kleding pas ik ook toe. Bij een outdoor-winkel verkopen ze heerlijke wollen onder-shirts. Comfortabel warm, maar ook ademend, in koude periodes!

    Hartelijke groet,

    Gertjan de Boer

  13. Beste Aster,

    Dank voor je reactie! Bijzonder dat je zoveel voorbeelden kan bedenken.

    Ik vind vooral je eerste stelling interessant: vroeger hield je jezelf warm, nu wordt je omgeving verwarmd. En je hebt gelijk dat vroeger elke handeling energie kostte. Men probeerde dit natuurlijk te beperken.

    Over de droger; volgens mij is dat wel op zijn retour. Ik kom bij veel mensen thuis, en zie – vooral bij jonge gezinnen – nog maar sporadisch een droger. En als men er al een heeft worden ze nauwelijks gebruikt (handdoeken, ondergoed).

    De tip van de wollen kleding pas ik ook toe. Bij een outdoor-winkel verkopen ze heerlijke wollen onder-shirts. Comfortabel warm, maar ook ademend, in koude periodes!

    Hartelijke groet,

    Gertjan de Boer

  14. Als kind van de jaren 50 herken ik natuurlijk de meeste genoemde besparingsmogelijkheden. Je moet echt hebben geleefd op die manier om het te herkennen. Het werd er met de paplepel in gegoten. Op zaterdag in het teiltje voor de warme kolenkachel, de enige verwarmingsbron in huis. Als het erg koud was kregen we een extra deken en een kruik mee. Het water werd vaak verwarmd op de kachel omdat er nog geen geiser in huis was, laat staan een doucheruimte. Dat kwam pas medio jaren zestig in beeld en was dan nog niet veel meer dan een kleine bezemkast…..
    Wel erg leuk dat zoveel mensen nog vanuit hun opvoeding leven. Het zit er inderdaad ‘in gebakken’. Naar de ‘moderne’ tijd terug: een afzuigkap in de keuken is vaak rechtstreeks met een kanaal naar buiten verbonden. Er komt heel veel kou uit zo’n apparaat naar binnen. Oplossing: plaats een zgn. ’terugvalklep’. Deze opent bij het afzuigen van kookluchtjes en sluit bij het uitzetten van de afzuigkap. Scheelt enorm. Wat ook heel veel scheelt is, wanneer je die voor je ramen hebt hangen: ’s avonds jalouziën sluiten en op slaapkamers waar niemand is (ook overdag) evt. gordijnen sluiten. Ondanks de kwalitatief hoogwaardige isolerende beglazing die we tegenwoordig gebruiken werkt dit nog heel goed.
    Tijdens de energiecrisis in de jaren 70-80 werd naast ‘voorzetramen’ geadviseerd om gordijnen in te korten tot op de vensterbank. Deze hingen dan boven de radiator i.p.v. er voor.

  15. ik doe tegenwoordig het zonnescherm op mijn serre s’avonds naar beneden en de gordijnen dicht tot de volgende dag ,om warmte te sparen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

We hebben zorg genomen om alle rechthebbenden voor hier gereproduceerde foto's te traceren, soms evenwel zonder succes. Iemand die in dit opzicht meent rechten te hebben wordt vriendelijk verzocht om contact op te nemen met de redactie van de Erfgoedstem.